Trouwen

Titel
Trouwen

Jaar
1921

Pagina's
194



178 TROUWEN.

Hij beeft op z’n beenen en-ie zegt goeie nacht. — Nou, goeie nacht, goeie nacht! Simon ging de kamer uit, stommelde de trap op.

— De jongen is doodziek — of d’r is wat anders met ’m en mijn wil-ie niks zegge, klaagde moeder.

— ’t Zal wel goedkomen, suste Rebecca. — Wat mot ’r goedkomme ? Jij sjmoest d’r gemakkelijk over. Ga tenminste met ’m mit — Jacob. Ga tenminste na-bove.

Hoor eve an de deur...... Uit die jongen

kan me niet wijs worre...... en zoo’n man

blijf zitte as ’n zoutpilaar......

Ongeduldig haalde de vader de schouders op. In zijn half-dronken brein begon het te dwarrelen, dat zijn vrouw was kindsch geworden. Waarom wilde ze hebben dat hij dien grooten jongen als een kind naar bed bracht en toedekte ?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.