In het gareel

Titel
In het gareel

Jaar
1928

Druk
1928

Overig
1ed 1928

Pagina's
216



132

Toen Corry opstond om naar boven te gaan, liep Lodewijk haar in de gang achterop.

Ze zag het wel, maar een gevoel, dat ze niet kon motiveeren, deed haar in een vaartje naar boven rennen.

„Corry!” riep hij.

„Joe...oe!” Haar hart bonsde.

„Wil je, als je klaar met pakken bent een eindje met me omloopen, ik heb je iets te vragen.”

„’t Is zoo koud!” riep ze naar beneden. „Kun je ’t me hier niet vragen?”

„Zooals je wilt,” zei hij wat stroef.

Ze liep de trap weer af.

„Och, ik bedoel ’t niet onaardig, maar... willen we dan nu maar een wandeltje doen?”

Ze keek zoo heel lief naar hem op, zoo heele-maal niet druk doende, ongegeneerde Corry.

„Kom, doe je mantel dan aan,” zei hij, „en doe een warme das om, want ’t is werkelijk koud.”

In de huiskamer zaten Mary en Walter en toen de huisdeur dicht sloeg gluurde door ieder raam een hoofd.

„Daar gaan ze!” fluisterde Mary. „O, Walti, m’n hart bonst in m’n keel. Denk je, dat ze zal willen?” „Nogal wiedes! Wie zou nu zoo’n reuzen kerel als Lodevicus niet tot echtvriend willen hebben.” „Ja, maar je kunt het niet weten. Wat dat betreft kon je weinig aan Corry merken.”

„Jij niet, maar ik wel!”

„Och, loop rond, ze deed vreeselijk gewoon.” „Nou wat moest ze dan doen? op d’r hoofd gaan staan?”

„Walti, ik ben toch bang.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.