Een coquette vrouw

Titel
Een coquette vrouw

Jaar
1915

Druk
1916

Overig
2ed 1916

Pagina's
262



was als een dorre wind, die over alles heen streek en alles verschrompelde, ook haar en haar levenslust. Ze durfde zichzelf niet zijn, uit vrees voor zijn hoonende woorden, ze verborg haar ingenomenheid met menschen, die ze hier of daar ontmoette —, om niet van hem te hooren, dat ze ״onbenullig" of „mallootig" waren. Vroeger toen ze hem pas kende —, toen had ze zich wel gelaafd aan zijn spot, aan de hooghartige menschverachting, die alles aandurfde, die geen naam of reputatie ontzag , en die immers haar eigen rekening met de menschen moest vereffenen .—, maar altijd, maar overal, maar tegen alles, nooit een andere houding dan die zelfverzekerde spot, nooit een spoor van aarzeling of twijfel, van deemoed, schroom of eerbied, nooit geestdriftig, nooit vurig, nooit dwaas —, als een verstarde steriele spotlach hooghartig tronend boven elke bewogenheid, boven vloeden van tranen, boven hartstocht en twijfel —, meer en meer ging ze er onder gebukt —, het mocht wel hoog en groot zijn, maar het was zoo hard en zoo genadeloos, en het benauwde haar —, het maakte haar zoo klein. Want bewogenheid trok voorbij als bloemen en getijden en liet alleen de nagedachten der vergankelijkheid, maar het starre onbewogene, zichzelf van dag tot dag gelijk, het bleef, en het scheen onvergankelijk en daardoor al iets .—, en daardoor al hooger in aard en waarde.

Het scherpe zelfbeklag deed tranen uit haar oogen stroomen —, haar drift verging in leed —, het brok in haar borst versmolt en trok weg als in damp —, ze voelde niets dan deernis, redelooze deernis, ook met hem. Lang al sliep Egbert in het bed naast het hare en het was diepe nacht en nog schreide ze van een hulpeloos leed, dat ze niet te vatten en niet te verklaren wist.

Langzaam en gestadig dieper vrat echter de twijfel aan eigen waarde en kracht in Ina's ziel; tegenover Egberts zelfverzekerde, zelfvoldane rust, die dag-na-dag zichzelf gelijk bleef, zag ze meer en meer haar eigen bij dag en uren wisselende gevoelens en vermoedens als karakterlooze zwakheid. Als Egbert toch eens gelijk had in wat hij van haar dacht haar werk onnoozel, zijzelf ijdel en zwak? Ze vergeleek hem bij zichzelf — zijn onverschilligheid, die vleierij, waardeering, vriendschap en liefde derven kon, bij haar eigen brandend verlangen naar dit alles —, was het niet zijn recht, 82

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.