Een coquette vrouw

Titel
Een coquette vrouw

Jaar
1915

Druk
1916

Overig
2ed 1916

Pagina's
262



״En jij dan, heb jij ze niet noodig?"

״Ik heb zè graag —, maar ik kan ze desnoods missen. Want ik heb immers Hugo. En dat geeft onbewust een ander gevoel, een andere houding —, en daardoor komen ze nu juist naar mij toe. Ik weet het van toen ik jong student was en er ongeveer evenzoo voorstond als jij. Ik droomde ook van een jongensleven, misschien anders dan jij —, ik had illusies van ingespannen werken, en uitgelaten feestvieren —׳, een leven vol geestdrift en laaiende levensvreugde. En ik vond voor geestdrift alleen een soort flets en steriel idealisme, als stilstaand water —, zonder levensmoed en vuur —, en voor levenslust loszinnigheid zonder hoogheid, zonder gloed, zonder iets van echte vervoering. Hollandsche studenten —, tenminste zooals ik ze ontmoette, die weten niet wat feestvieren is en ze weten eigenlijk ook niet wat leeren is. Hun feestvieren is liederlijkheid of geesteloos gelal —, hun studeeren is ploeteren in een vak, voor examens en voor een baantje."

״En jij was ״de combinatie" van een blauwkous en een flirt."

״Dat was de definitie. En meer dan een definitie, meer dan woorden mag je niet verlangen. Dat was al héél welletjes."

״Charley —, dien avond dat jij en Hugo bij ons waren—, toen was ik ook afschuwelijk."

״Och," Charley trok de schouders op, ״daar zou ik nu maar niet weer over tobben. Ik begrijp het nu zoo heelemaal."

״Ja, vreemd, dat ik er nog altijd aan denken moet. Het leek zoo boosaardig en zoo valsch, hem te vernederen, waar jij en Hugo bij waren. Maar o, Charley —, toen was immers mijn laatste kans, na dien eersten, mislukten keer. En het is altijd dezelfde pose —, de zachte, goedige, lijdzame De Kruiff, de arme De Kruiff met zijn lastige, lichtzinnige, hartelooze vrouw. Het is om zijn uiterlijk en om zijn stem —, hij heeft altijd de lachers en de gematigde, brave menschen op zijn hand. Hij kan zoo grappig zijn — altijd, in alle omstandigheden, omdat niets hem heilig is, omdat niets hem aangrijpt, omdat alles voor hem stof tot grappenmaken is, de heele wereld, de menschen met al hun nooden en problemen — en dan blijft hij ook altijd ״binnen de perken", hij zegt nooit een onvertogen woord en hij is zoo huiselijk, zoo oppassend, zoo braaf —, en ik blijf niet altijd binnen de perken en ik zeg wél onvertogen woorden, als ik onzin hoor beweren of ze aan dingen raken, die mij heilig zijn, of als ik mij persoonlijk gekrenkt voel, en ik ben niet altijd grappig en niet gematigd en niet lijdzaam en niet braaf ׳—, en daarom is iedereen tegen mij —, en ik was zoo bang,

.167

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.