Een coquette vrouw

Titel
Een coquette vrouw

Jaar
1915

Druk
1916

Overig
2ed 1916

Pagina's
262



Haar stemming was ingezonken onder de laatste woordenwisseling, doch leefde langzaam weer op — en dien avond in bed bleef ze naar gewoonte opzettelijk wakker in donker en stilte en voelde zich na maanden van dofheid en geslagenheid opnieuw veerkrachtig en van blijde verwachting vol. De lucht was opgeklaard. Ze zou weer vriendschap vinden —, een vriendin. Geen man ■—, maar een vrouw, hoe heerlijk was dat! Zeker voor zichzelf te weten, dat ze niet in de eerste plaats de vleierij en de hulde van mannen zocht —, het voor zichzelf te weten, het anderen te toonen —, het leelijke woord dat Coba haar in het gezicht geslingerd had, te logenstraffen, het woord, dat haar in eigen oog en in dat van anderen verachtelijk en belachelijk moest maken en onteeren moest, dat haar — met de andere woorden, de andere aantijgingen, den jarenlangen smaad — méér dan iemand wist, in eigen oog alreeds, had onteerd, belachelijk en verachtelijk gemaakt. Ze zou zich aan Charley hechten, zooals ze zich nooit aan een man had gehecht, niemand zou haar belasteren, niemand smadelijk om haar lachen, niemand haar gevoelens met leelijke namen noemen -—,ze zouden elkaar bewonderen, beiden glorievol groeien en stijgen in de warmte van hun gevoel. Ze wilde niet alleen vereerd zijn, gevleid zijn, ze wilde ook en bovenal zelf mogen vereeren en zelf mogen vleien. Waar had ze het ooit gekund? Ze dacht aan de mannen, die ze had ontmoet, aan de vrouwen, die ze had gekend. Aan Egbert! Al had hij over de heele lijn gelijk, al waren al zijn inzichten juist, al was hij begaafd met alle mogelijke onderscheidingsvermogen, al was hem oordeel en verstand van alle dingen gegeven, al was hij de sterke tegenover haar zwakheid —, dan nog bleef deze grief: dat hij haar evenmin vereering had gevraagd als gegeven! Vereering, vleierij —, het waren kinderachtigheden, tijdverdrijf voor vrouwen en mal-looten, waar hij in zijn harde hoogheid boven verheven was.

Doch als Charley van haar weten wilde, en als zij vrienden werden —, dan zou hij haar daarin tenminste niet hinderen, omdat Charley immers ook maar een vrouw was en de vriendschap met een vrouw zijn eigenliefde als man niet kwetsen kon. Zoo behoefde ze dan ditmaal voor de toekomst geen vrees te koesteren —, hoopvol blikte ze haar tegemoet —, nogmaals schudde ze het vale verleden van zich af en gordde zich voor een beter, rijker leven aan.

.164

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.