Een coquette vrouw

Titel
Een coquette vrouw

Jaar
1915

Druk
1916

Overig
2ed 1916

Pagina's
262



beiden in aan tafel. Maar hij kwam nog niet —, weer was er een groepje menschen de straat ingekomen en had zich aan den hoek verspreid —het werd al donkerder .—, hier en daar ging weer een man naar binnen en Ina dacht met een vluchtig gevoel van benijding aan de vrouw die nu niet langer alleen was. Een oogenblik was de straat gansch verlaten, de lantaarns brandden eenzaam en bleek in de guurheid van den komenden avond. Als hij nu eens nooit terug kwam —, als hij nu eens verongelukt was, Egbert, in het water —, onder een tram ׳—, overreden, bloedend, verminkt —, zijn oogen dicht, zijn mond stijf-gesloten ׳—, de pijn kneep haar het hart te zamen en tegelijk ging er een zachte jubel in haar aan —om het zuivere, zekere weten, dat ze toch van hem hield —, een weten, dat immers op echtheid en standvastigheid in haar eigen wankel wezen duidde. Ze verlangde niet alleen naar hem voor de verrassing van hun jongen —, maar ook om weer alle drie bijeen te zijn. Het oogenblik van zijn thuiskomst bracht haar dagelijks die kleine vreugde, die opleving, dat gevoel van hernieuwde innigheid —, ook al wist ze van zoovele vorige dagen, dat het te gauw weer uit haar wegliep omdat zijn thuiskomst immers niets werkelijks opleverde. Maar nu dacht ze daaraan niet en toen ze hem eindelijk den hoek om zag komen met zijn stevigen stap recht op huis af en de hand al naar zijn zak voor den sleutel —׳, sprong haar hart in haar op van onvermengde vreugde.

De straat lag nu verlaten en vrijwel donker —, voor hij haar gezien had, sloot ze snel de deuren en pakte den jongen in haar armen. ״Daar komt vader en nu gaan wij ons verschuilen dat vader ons niet vinden kan."

Ze doken lachend weg achter het zware gordijn en zaten er hurkend gebukt in donker —׳, ze hield het kind om zijn borstje heen mét de armen omklemd —׳, ze voelde het verwachtende hartje slaan, het heele lijfje sidderen van blij ongeduld —, ze hoorde het zachte lachen, ze drukte •haar open lippen tegen het warme, ronde kopje en voelde tranen naar haar oogen komen. En nu was beneden dat blij-verbeide kleine geluid van sleutel in slot, en nu was hij boven, hing zijn goed op de gang — nu deed hij de kamerdeur open, stiet op het ongewone duister en ze hoorde zijn stem: ״is er niemand hier ?" Het jongetje kon zich niet bedwingen en proestte een kirrend lachje uit —, en nu begreep hij blijkbaar den toeleg, stapte snuivend met dreigende stem dé kamer in, keek achter kasten, lichtte stoelen op —, hield

116

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.