Het Joodje

Titel
Het Joodje

Jaar
1914

Overig
1ed v2

Pagina's
258



91

„maar ik dacht: wat geeft het, of ik er al uitloop? Daarmee kom jij er toch niet in —, is het wel?”

Even antwoordde Ben niet —, toen zei hij, bitter: ,,Je hebt gelijk, hoor!” —, en ging haastig de school in, waarin bijkans alle anderen reeds verdwenen waren,

Den heelen morgen plaagde hem de gedachte aan zijn vernedering, maar het ellendigste was, dat hij vanmiddag naar den vader van dienzelfden jongen moest, en dat hij daar dan aan huis zou moeten komen, om een onwilliger! broer van dezen bij zijn werk te houden. Hij had zich van de ontvangst en de behandeling niets voorgesteld, er geen oogenblik bij stilgestaan, alleen gedacht aan de zakelijke verhouding, dat hij er dertig gulden in de maand kon verdienen en zijn eigen huiswerk meenemen mocht, mits hij zich voortdurend ter beschikking van den jongen hield. Nu had hij het gevoel, dat hij het niet aannemen mocht, niet aannemen kon, dat hij er zelfs niet heen wilde gaan, geen voet zetten in dat huis.

Thuis kon hij wel zeggen dat hij de aanstelling niet gekregen had, een voorwendsel bedenken, thuis kon hij met de waarheid niet aankomen, wilde het niet, hij kon niet verdragen dat zijn gevoelens en zijn beweegredenen, behalve door vader en moeder en oom Jozef, ook nog door Bekkie en Saartje, door Aardewerk en zijn vrouw, door tante Rebecca en oom Levie, door de heele wederzijdsche familie uitgerafeld, waanwijs beoordeeld en beruzied zouden worden, hij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.