Het Joodje

Titel
Het Joodje

Jaar
1914

Overig
1ed v2

Pagina's
258



254

kwam, absoluut niet geloofde, dat je het werkelijk in je hoofd had gehaald. Ik dacht aan alles —aan chantage, aan god-weet wat, aan alle mogelijke ge-meene streken, ik kon me alles voorstellen —, maar niet, dat je zóó stapel zou zijn/'

Dof, wezenloos luisterde Ben —, en het scheen hem, vreemd, alsof die ander gelijk had, alsof hij zich eigenlijk moest schamen, vergeving vragen voor zijn waanzinnigen hoogmoed en aanmatiging; nu die ander hem zoo voluit en zonder voorbehoud belachelijk vond, sloop de vrees in hem binnen, dat hij inderdaad belachelijk was —, en tegelijk een snijdende pijn vol hulpeloosheid, schaamte, onmacht en het bitterst leed.

De waarschuwing van den ander, zich niet meer te vertoonen, geen letter meer te schrijven, zijn nadrukkelijke, wreede verzekering, dat Enny, vrijwillig, de heele zaak uit haar eigene en in zijn handen had gegeven, dat zijn brieven ongeopend terug zouden gaan, dat de knecht last had, hem onder geen voorwaarde binnen te laten —, al die gruwzaam-vernederende woorden liet hij langs zich heen gaan, als drongen ze niet tot hem door —, toen de ander eindelijk verdwenen was, holde hij naar boven en viel huilend neer in zijn bed.

Den geheelen dag lag hij daar —■, en niemand riep, in den namiddag viel hij in slaap, tegen den avond werd hij wakker, slap, wee, en zijn eerste gevoel was honger, hij had den heelen dag niet gegeten.

Hij verfoeide zichzelf omdat hij dat voelde en daaraan dacht —, het was ook niet waar, drong hij zich

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.