Het Joodje

Titel
Het Joodje

Jaar
1914

Overig
1ed v2

Pagina's
258



189

Want hij mocht immers niet aan haar denken —, hij mocht niet haar vereeren, hij mocht de priester van die godin niet zijn —, hij had zich bezoedeld, in onzuivere begeerte zichzelf verlaagd, hij had wilde woorden gesproken, wilde dingen gedaan, gelachen en gekoosd in lust, waar liefde vreemd aan was. Juutje was minder schuldig, zij was eigenlijk heel niet schuldig, ze zocht hem, ook met haar hart, wilde hem binden en omstrikken —, hij hield het zich voor, om het gevoel van koude weerzin, waarmede ze hem nu vervulde, uit rechtvaardigheid tegen te gaan, maar hij slaagde er niet in, en zijn eigen schuldbesef woog er niet minder om,

Eén middel bleef, volkomen oprecht te zijn en aan alles een eind te stellen. Om vier uur, zoodra hij thuis kwam, zou hij het zeggen: dat hij niets met Juutje wilde, nooit iets willen zou —, dat zij niet langer bij hen aan huis moest blijven komen en hem toch lokken, met Bekkie tot hulp, maar dat ze naar haar vader terug moest, zoo gauw mogelijk,

Nooit had hij zich zoo verward en vol en opstandig, maar ook nooit zoo dronkenmakend zalig gevoeld, Hij meende nu pas te beseffen, welke een armzalig leven hij tot nu toe had geleid, bukkend voor fleemen, wijkend voor gedreig —, doch hij had nu ook meteen de kracht zich vrij te maken, uit alles los te breken, Ze zouden weten, dat hij geen kleine jongen meer was, dat hij zijn eigen weg wilde gaan, zijn eigen leven maken, dat hij genoeg had van hun enge, knel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.