Het Joodje

Titel
Het Joodje

Jaar
1914

Overig
1ed v2

Pagina's
258



167

ze het willen aanvaarden? Als hij dan eens zei, desnoods duidelijk en ruw, dat ze hem met rust moest laten, dat hij haar niet wilde? Maar met schrik bedacht hij, dat dit al niet meer ging, na zooveel weken, nadat ze elkaar herhaaldelijk gekust hadden, nu elkeen hen als bijna verloofd beschouwde. Thuis waren ze verrukt —, een mooi meisje, een lief meisje, een „rijk" meisje — ze zouden woedend zijn als hij nu nog den band verbrak, hij zou ze allemaal tegen zich krijgen, en zij zou verdriet hebben, en haar aanhankelijke onderworpenheid, die hem het streelend machtsgevoel gaf, zou hij moeten missen,

„Zouën we niet eris gaan zitten? Je loopt maar —, je loopt maar —, ik kan je bijna niet bijhouden," Hij keek op uit zijn gepeins. Vreemd, een oogenblik te voren had hij haar onderworpenheid verfoeid —, maar nu ze even een bitsen, geprikkelden toon aansloeg, even tegen hem opstond, nu kon hij haar heele-maal niet hebben. Hij moest wel hooghartig-verwon-derd haar aangekeken hebben —, want onmiddellijk verzachtte zich haar stem, ze liet het hoofd hangen, nederig en berouwvol fluisterde ze:

„Ben, doe me het plezier en laten we effetjes gaan zitten/*

Het was nu zomer geworden, de Junimaand liep al ten einde en nog was er geen verandering in Ben's verhouding tot Juutje gekomen. Niemand thuis scheen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.