Het Joodje

Titel
Het Joodje

Jaar
1914

Overig
1ed v2

Pagina's
258



154

glom moeders gezicht van „naages” —, de armoe, het verval waren haar hard gevallen, al had ze nooit geklaagd, want ze was van gezeten burgerafkomst — en dan moest hij precies vertellen, hoe ze heetten en waar ze woonden, de schildert)es, de schooljongens uit de deftige huizen, die zelfs bij hem poften, die bij hem in de schuld stonden —, hoe ze ’t dorsten doen voor hun „kowed” daar kon moeder maar niet bij!

Waarom wilde Bekkie dan nu, dat hij van de markt af zou gaan en een winkeltje van boeken beginnen? Omdat ze hoopte op een „sjiddesj” met den dikken rooien Sam, uit de galanteriewinkel! Hij hoopte het voor haar —, en voor zichzelf ook —, en 'ï zou er wel van komen, sinds den avond van het sjoelfeest scheen het „dik” aan tusschen die twee. Maar moest hij daarom van de markt af en in een winkeltje? Een winkeltje was niemendal, werd niemendal, in d'r eeuwigheid niet —, *t zou dezelfde ,,dalles” van vroeger worden, armoe troef aan alle kanten, wanneer hij van de markt af en in een winkeltje ging. Wie kwamen er in een winkeltje, van zijn klanten? Ze hadden geen winkeltje noodig, ze wilden niet binnenkomen en vragen naar dit of naar dat —, ze wilden snuffelen en bladeren en een praatje maken, zonder bedoeling om te koopen, maar altijd koopend, een oud plantenboek, een atlas, een bijbel —, allemaal dingen, waar ze niet naar zouden komen vragen in een winkeltje.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.