Het Joodje

Titel
Het Joodje

Jaar
1914

Overig
1ed v2

Pagina's
258



niet gezegd worden, dat hij voor die vooze grootheid iets van wat het zijne was, verloochend had, Maar de avond zelf had niets dan verwarring, strijd, twijfel opgeleverd. Hij vroeg zich af, als hij thuis in zijn gezin was opgegroeid, in het sober, armelijk leven, zooals bijkans elkeen der aanwezigen het leidde, of dan niet zoo'n feest hem als hen zou hebben verheugd —-, of hij dan niet graag aan dans of voordracht had meegedaan —, of hij de nabootsingsproeven van Sam Peper, de clowneske goocheltoeren van Sjimme Roeg niet zoo goed als de anderen zou hebben toegejuicht —, of hij niet met die anderen tegen twaalven telkens voor de grap naar de keukendeur zou zijn geslopen, om den bakgeur te snuiven en de kruidige lucht van de soep —, had hij niet toch, heimelijk verbergend, wat elkeen met kinderlijke openhartigheid toonde —, naar het lekkere eten verlangd? En was hij het dan wel zelf geweest, die koel en hooghartig had zitten toekijken, den heelen avond, karig met zijn woorden, zuiniger met zijn lach en lof?

Of had zijn wezen zich van zichzelf als ontdaan, om zich te vereenzelvigen met een geest, die niet van hemzelf was, maar van een ander: Aart van Erp? Had hij niet eigenlijk voortdurend door diens oogen gekeken, met diens gedachten gedacht, naar diens maatstaf geoordeeld? Neen —, niet geheel en al. Schoon hij erin was opgegroeid, schoon hij nooit iets beters had gezien, toch had hem de achteloos-gedekte tafel, het armelijk eetgerei, de plompe bossen bloemen in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.