Het Joodje

Titel
Het Joodje

Jaar
1914

Overig
1ed v2

Pagina's
258



128

er genoeg — om mee te handelen, en ook rijk te worden, net als vader.

Een blos overgloeide haar wangen, ze voelde hoe de strakheid van haar trekken zich ontspande —, de muziek zweeg, er werd om stilte geroepen, Meijer Leefsma beklom het tooneel en hield een toespraak; leelijk was hij —, een „ongijn" was hij, ze hoefden niet zoo te lachen om wat hij zei, Heintje Aardewerk boven alles uit —, die wist ook wel, waarom ze zoo lachte en wiebelde van pret en iedereen aanstiet, of ze wel hoorden, dat verschoten portret, Maar och, voor haar part —, ze mocht hem hebben ook, den heelen Meijer met zijn snorren en zijn gele tanden mocht Heintje hebben, als zij dan, als zij dan Ben maar hebben mocht. Waar zat hij toch? Daar, tusschen zijn vader en moeder, een heel eind van haar af, Bekkie zocht haar met de oogen —, nu hadden ze elkaar, „Dag Bekkie", knikte ze en weer en weer ,,Dag Bekkie", Keek hij nu niet eens even om, ze had nauwelijks, bij het zenuwachtig toeknikken, Bekkie aangekeken, maar steelsoogend naar hem —, zou Bekkie nu niets tegen hem zeggen? Neen, wèl tegen zijn vader en moeder. Die keken nu om, en knikten met lachend-toegenepen oogen. Ja, ze wilden wel, de oudeluitjes, om haar geld, ze lokten haar genoeg. Ze had wel veel beter gekund, wie ze maar wou, als ze dat ook maar wisten. Maar 't deed er niet toe, „Dag Bekkie, dag Bekkie", hij keek nog niet en wat zaten ze ver, wat was haar keel droog, ze kon niet voort

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.