94
gesprek over lauwe sopjes, over broekjes, wolletjes, luiers. Als tante eenmaal op dreef raakte over de kinderen in haar betrekkingen en hun verzorging, dan raakte ze zoo gauw niet uitgepraat.
„En een dekentje heb ik ook al,” vertelde mevrouw trotsch, toen ze kans zag er een woordje tusschen te krijgen.
„Eén dekentje?”
Tante keek zuinig.
,/t Is nogal een dik dekentje,” verdedigde mevrouw haar ééne dekentje. „Ik dacht dat het genoeg zou zijn. Zal ik het u eens laten zien?” „Goed, mevrouw.”
Mevrouw ging door de tusschendeur naar de slaapkamer, scharrelde daar wat rond in de linnenkast, en riep toen ineens:
„Nou mag u binnenkomen!”
Tante durfde niet zeker aan te nemen, dat die roep haar gold, en bleef stokstijf zitten, — zoo lang, tot mevrouw in de tusschendeur verscheen, en verwijtend zei:
„Waar blijft u, tante? Ik zei, dat u binnen mocht komen!”
Tante stond haastig op, en kwam in de slaapkamer.
Daar lagen, op het ééne bed uitgestald, keurige stapeltjes van allerlei baby-kleertjes. De truitjes op