Aan Wal

Titel
Aan Wal

Jaar
1932

Overig
1ed

Pagina's
245



203

wees z'n moeder hem terecht, „want ze heeft je zóó klein gekend* Niet Janus?”

Jantje knikte. Of ze hem zoo klein gekend had! Maar wat was hij veranderd!

„Veranderen alle kindertjes zoo gauw?” vroeg ze eindelijk.

„Gauw? Je bent hier in eeuwen niet geweest. Als je weer zoo lang wegblijft, kun je de volgende keer al gezellig met hem kletsen.”

Hij stond nu op twee wijd-uitstaande, dikke beentjes tegen het hek geleund. Wat was hij gegroeid! Wat een dikke kerel was-ie geworden!

„Tah,” zei hij beslist, en ging zitten.

Toen won de verrukking om dat grappige stemmetje en die eigenwijze beweging het van de onwennigheid van al die veranderingen.

„Knulletje!” lachte ze.

„Jonkie-ponkie,” zei mevrouw.

* *

*

Dat was het ééne bezoek. En het andere was een paar weken later: naar huis.

Naar huis. Naar haar eigen schip. Ze kon er niet van slapen, den nacht tevoren.

Al dien tijd had ze het uitgehouden, en nu had mevrouw gezegd, dat ze maar eens naar vader moest gaan.


Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.