i5i
Zou hij het werkelijk zoo goed vinden, als hij gezegd had? Maar hij had toch zelf gevraagd, of het niet zou kunnen, dat ze bij mevrouw bleef, — en dan was ze toch ook niet mee gegaan, had vader het toch ook zonder haar moeten stellen 's avonds.
Toch liet het haar niet los, dat vader nooit eens over zichzelf praatte, nooit eens zei, of hij iets ook akelig vond. Ze zou het hem vragen, — vóór het schip weg ging, zou ze het hem vragen.
En dan? Als hij dan zei, dat hij het akelig vond? Zou ze dan meegaan met het schip? En daar, in die andere plaats werk zoeken, — en dan na een poos weer daar weg moeten, omdat het schip verder moest?
Nee, dat kon niet. O, wat moeilijk was het toch allemaal ! Als vader maar uit zichzelf wat meer praatte!
Ze vond een nieuwe betrekking. Ze had eigenlijk niet zoo erg veel zin in het zoeken, en daardoor ook niet veel zin om er over een paar weken heen te gaan. Toen ze thuis vroegen, om er wat meer van te vertellen, merkte ze pas, dat ze er heelemaal niets van wist. Hoe kon ze toch eigenlijk zoo dom zijn. Ze wist niet anders, dan dat ze het nog al een aardige mevrouw vond, zoo’n echte moeder.
Had ze dan kinderen, als ze zoo'n echte moeder leek?