Sterrekinderen

Titel
Sterrekinderen

Jaar
1946

Druk
1986

Overig
10ed

Pagina's
208



aan denkt; ze weet, dat ze vaak die tocht zal moeten maken en daarom gaat ze maar gekleed naar bed. Moeder valt ze er niet mee lastig; die heeft het moeilijk genoeg, met het kleine zusje en zonder water. Kon ze maar jokken, dat ze geen twaalf jaar is, -dan mocht ze in de eetzaal gaan! Maar ze is dertien en een heel lange meid.

Haar mantel ligt op haar voeteneind. Als ze laat in de avond wakker wordt en voelt, dat ze er uit zal moeten, hoeft ze alleen maar haar mantel aan te trekken en haar kousen, vóór ze zich naar beneden laat zakken in het donker. Ze tast onder het bene-denbed naar haar schoenen en vindt ze gelukkig gauw. Dan, vooruit tastend met haar éne hand en de bedden tellend met haar andere, vindt ze de weg naar de eetzaal; ze stoot zich wel een paar maal aan een krukje, maar nu weet ze meteen voor de terugweg, waar zowat krukjes staan.

In de eetzaal heeft de vrouw, die de wacht houdt, gelukkig een lampje kunnen krijgen, dat blijvend brandt en toch niet op gaat. Ze hoopt nog, dat de vrouw haar voor een kind onder de twaalf aan zal zien, - maar ze geeft haar dadelijk het knijplan-tarentje in de hand. Die zijn heel moeilijk te laten branden; je moet sterk en vlug knijpen, anders geeft het helemaal geen licht.

En dan, rillend, staat ze in de kou, in het donker, in de modder.

Ze knijpt zo vlug als ze maar kan en ziet zo'n beetje waar de weg tussen de barakken loopt. Ze moet zorgen, in het midden te blijven, want langs de barakken lopen diepe greppels en daar wil ze niet in terechtkomen. Het wordt moeilijker, als de barakken ophouden en je het grote veld moet oversteken naar het huisje; als je niets aan weerskanten naast je hebt, voel je veel minder de richting. Er is helemaal geen maan.

Telkens als ze in een modderplas trapt vergeet ze te knijpen en dan mist ze ook nog dat kleine, zwakke plekje licht. Niet dat het lichtplekje veel helpt op zo’n groot veld! Om te weten, hoe je over het veld heen komt en waar het huisje is, zou je een lichtschijn over het hele veld moeten hebben. Ze gelooft maar zo'n beetje, dat ze de richting voelt en dat ze recht oversteekt.

Opeens is er geen grond meer. Ze valt naar beneden, in een greppel. Dan is ze zeker schuin gelopen in plaats van recht. Ze

165

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.