De weg alleen

Titel
De weg alleen

Jaar
1949

Pagina's
195



dat toch een luisterend oor in haar eigen huis bezat, en voor dat oor misschien de dingen verzweeg, die ze buiten haar huis zo vlot en zo gretig vertelde.

Ze was oer-oud. Maar jong als een schoolkind was ze, als ze rondom de tafel zat met haar kinderen en deelnam aan hun gesprekken. Aan tafel, — daar lieten ze zich gaan, — daar spuiden ze, wat op school en op straat aan belevenissen was opgedaan, — daar vergoedden ze zichzelf, wat in de schooluren aan bedwongen uitingsdrang was opgespaard.

Siem, met z’n spankracht van twaalf-jarig mens, kruidde de gesprekken met knopige uitdrukkingen.

„Die knul, die nou naast me zit, — Joop, jij kent ’m wel, met dat meissiesgezicht, — als die veel fouten in z’n sommen heeft, begint ie te blèren.”

Joop, zelf na aan huilen toe als ’t hem niet meeliep op school, was te eerlijk om verachting voor die knul te veinzen.

„Nou ja, als-t-ie ’t nou èrg vindt?”

„Och man, wie grient ’r nou in de zesde klas om een som!”

„Misschien vinden ze ’t thuis bij hem erg, als hij een slecht cijfer heeft,” opperde Car.

„Ja,” zei Siem, „dat is ook zo. Ik heb z’n vader een keer gezien. Nou, dat lijkt me een kwaje!”

„Misschien is die vader wel stief!” wist Atie uit verhalen.

„Nee,” zei Joop, „dat zijn altijd sticimoeders, hè moeder?”    ^


152

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.