peerd, was eindelijk begonnen de eerste hand aan het kind te leggen. Vrouw als zij was, kon zij niet genoeg krijgen van wat daar zoo rustig, in zijn volle, heer-lijke schoonheid, op haar schoot lag.... ״Nou, juffrouw Davids, wat heb ik u gezegd, dat u 'n tweeling zou krijgen? Dit is net zoo goed, uit hem kennen d'r met gemak twee!”
De vrouwen, gretig, bogen zich over den jong-geborene. Inderdaad, hij was zoo lekker dik en vetjes als ’t maar hoef-de. Zijn ruggetje was van spek, zijn zachte, zijen nekje zuiver room. Zijn ongerepte rose fluweelen borstje welfde zich hoog, en zijn korte bovenarmpjes, aanbiddelijk in de zachte, weeke lijn hunner ronding, waren om te kussen zoo teeder door een lichtend fluisje dons, dat ze nog bedekte; de poppen-onderarmpjes, waaraan de belachelijk kleine vuistjes knuistten of zich naïef en hulpeloos uitspreidden in een vijftal 112