Een enkele keer wil er bij de geschenken iets zijn, dat uit de kring der traditie springt.
Is er een Bar Mitzwah-jongen, die zal gaan studeren. Heeft een rijke oom hem een schrijfbureautje geschonken. Een tafel met zo'n hoogopgaand bouwwerkje, vol kastjes en laatjes en deurtjes. Zegt een ignorante vrouw:
'Komiek idee om een Bar Mitzwah jongen een dreswaartje te geven.'
De jongen, die zijn Bar Mitzwah viert, moge onmiskenbaar het centrum zijn van het feest, in werkelijkheid vieren de ouders het feest voor zichzelf. Ze zouden de eersten zijn om deze waarheid met besliste hardnekkigheid te ontkennen. Maar het menselijk vermogen tot zelfbedrog is groot. Bij ouders van Bar Mitzwah jongens is het onbeperkt. Zullen ze zeggen: 'We zijn trots op onze zoon. Mogen we misschien niet trots wezen ?'
Natuurlijk mogen ze dat. Al die vreugde is hun van harte gegund. Tel het aantal gasten. Iedereen is genooid, die tot hun kennissenkring behoort; dat die kring bijna de hele buurt omvat, bewijst alleen maar, dat ze mensen zijn, die zich in de grote wereld weten te bewegen. Maar wie had kunnen denken, dat alle genodigden de invitatie zouden aannemen ? Dat is een onmetelijke eer. Eerst worden alle stoelen bezet; dat zijn er heel wat, want bij de buren zijn extra zitplaatsen geleend. Daarna worden planken over stoelen gelegd. Een beetje ongemakkelijk, maar de hoofdzaak is dat iedereen kan zitten. Het loopt echter zó druk, dat mensen moeten blijven staan. Op straat houden mensen elkaar aan.
'Niet om het een of ander, maar gaat U misschien naar de Bar Mitzwah van Uw achter-achter-neef?'
97