van een koopbon ter waarde van zoveel guldens. De directie van het warenhuis heeft speciaal voor zulke gelegenheden koopbonnen laten vervaardigen, waarop het geldbedrag niet in cijfers, maar in code vermeld staat. De enveloppe met inhoud behoeft nu niet gesloten te worden. Tactvolle geste. Maar meer dan een geste is het ook niet, want de tante, die naast de Bar Mitzwah jongen staat om hem te helpen gelukwensen en cadeautjes in ontvangst te nemen, ként de sleutel van de code. Onder ons gezegd en gezwegen, dat is de enige reden waarom juist zij door vader en moeder naast de jarige werd geposteerd. De codedienst telegrafeert met geheimzinnige geluiden en voor iedereen duidelijke handgebaren de nominale waarde van de koopbon door naar de ome, die in de verre keuken de supervisie voert over de bediening. Signaleert ze: 'Eee—ooo—uuu'.
Dat betekent in de geheime taal: die zuinige krent heeft een
bon van een daalder gegeven. Zegt de ome van de bediening
tegen de meisjes, die met lekkers rondgaan:
'Die juffrouw, die daar net binnenkwam... die daar in de hoek
... nee, die niet... die met die mopneus zal ik maar zeggen...
die mag beslist niet meer dan één keer bediend worden.'
Alle cadeaux worden op een lange tafel uitgestald. Er staat een
tante bij om de bezoekers, die langs de weelde schuifelen, uit te
leggen wie de gulle gevers zijn. Ze onthult alle familierelaties
tot in de zevende graad.
Zegt ze:
'Hoe vindt U die zilveren servetring? Mooi zoiets! En de mensen die het hebben gegeven, zijn aangetrouwde achter-achterneven, meer niet.'
96