DIAGNOSE
De bladzijden, die aan deze voorafgaan, bevatten beknopte beschrijvingen van, en korte beschouwingen over de elementen der schoonheid van ons land en deze schoonheid zelve. Er is daarmede aan den luister en de heerlijkheid van Nederland, zijne steden, dorpen en landouwen, geenszins ten volle de eer bewezen, op welke zij aanspraak mogen maken. Over bijna elke stad zou een boek, van den omvang van dit geschrift, te schrijven zijn en ten opzichte van sommige zou een van vijf-of tienvoudige grootte ternauwernood voldoende wezen, om haar recht te doen wedervaren. Daar is, bij voorbeeld, Amsterdam. Wie deze stad, haar geschiedenis, haar bouw en aanleg, haar architectuur, haar monumenten, het geheel harer schoonheid, om niet te spreken van haar scheepvaart, handel en nijverheid, haar beteekenis in het verleden en heden, haar invloed op de wereldhistorie, zou willen te boek stellen, zoo, dat alles volledig tot zijn recht zou komen, hij zou voor de inleiding alléén weinig minder woorden behoeven, dan voor deze het geheele land betreffende monografie gebezigd werden. Zulke werken zijn dan ook geschreven. Dapper, Wage-naar, Commelin, Von Zesen, Domselaar, Scheltema, Witkamp, Van de Vijver, Ter Gouw, Brugmans, dit zijn slechts eenige der talrijken, die Amsterdam hebben beschreven en verheerlijkt in omvangrijke werken — om niet te spreken van de tal-loozen, die haar, door de eeuwen heen, met het penseel, het burijn, de teekenstift en de graveernaald in hare eindelooze aspecten hebben af geheeld. Wat er over Amsterdam alleen geschreven is, vormt een aanzienlijke bibliotheek. Doch ook over de overige Nederlandsche steden bestaat een uitgebreide literatuur, terwijl er aan boeken en geschriften van allerlei aard over gewesten, dorpen, polders enz. rijke overvloed aanwezig is. Een boekdeel, drie malen grooter dan dit, aan Hilversum gewijd, zag eenige jaren geleden het licht en ongeveer te zelfder tijd verscheen een uitgebreide verhandeling over het Noord-Brabantsche dorp Groot-Zundert, het werk van een oud-hoogleeraar, die aldaar zijn emeritaatsjaren doorbracht. Wat zou er niet te zeggen zijn van zelfs maar één van de vele belangrijke en fraaie dorpen, die Nederland rijk is — van Laren bij voorbeeld (toen dit boek geschreven werd) het schoonste en eigenaardigste der Gooische, een der schoonste van de Nederlandsche dorpen.
Het oudste gedeelte, de kern van het dorp, ligt in een dal; het
104