Amsterdam, die groote stad

Titel
Amsterdam, die groote stad

Jaar
1936

Druk
1936

Overig
1ed 1936

Pagina's
353



de tweede helft van de 19de eeuw werden pogingen aangewend, om verbetering te brengen en de arbeidersklasse te voorzien van goede woningen, volgens de daaromtrent destijds heerschende begrippen. In dezen zin werkte vooral de Bouwmaatschappij tot Verkrijging van Eigen Woningen, die in de 2de Van Swindenstraat en elders vrij groote blokken huizen zette, welker woningen aan de opvattingen, die heden bestaan nopens de eischen, aan goede verblijven te stellen, zeker niet voldoen, maar in den tijd, dat zij werden gebouwd, terecht een aanmerkelijken vooruitgang konden worden genoemd. Vooral voor degenen, die zich met kelderwoningen, of met ellendige, uitgewoonde hokken in den Jordaan, op de Eilanden en soortgelijke wijken, hadden moeten tevreden stellen, was het betrekken van „dubbeltjes-woningen”, zooals zij in den volksmond werden genoemd, een overgang als van de duisternis naar het licht.

Het tegenwoordige geslacht zal zich waarschijnlijk niet kunnen voorstellen, dat vele duizendtallen voorheen in meestal vunze, vochtige, nagenoeg lichtlooze en zeker zonlooze kelders woonden. Toch is dit zoo geweest. En weinig minder erg waren de woningen in tegen elkander opgehoopte vervallen huizen in de enge stegen en sloppen der achterbuurten, sombere, vervelooze en havelooze ruimten, zonder behoorlijken water-aanvoer, met één onbeschrijfelijk privaat voor tien of twaalf gezinnen en steile, versleten trappen, die men slechts kon beklimmen door zich half op te hijschen aan een vettig touw, dat er langs hing.

De weinige, een min of meer liefdadig karakter dragende vereeniging< n, die zich met den woningbouw bemoeiden, deden zulks op kleine schaal, zoodat hun invloed op de volkshuisvesting gering, zelfs ternauwernood merkbaar was. Bij de uitbreiding der stad kwam er wel eenige verbetering. Maar men kon van de bouw-ondernemers niet verwachten, dat zij zich bekommerden om de voorwaarden, aan welke een behoorlijke woning diende te voldoen. Men noemde hen eigenbouwers, omdat zij zoogenaamd voor eigen rekening bouwden; doch ook revolutiebouwers, omdat men aannam, dat de huizen, die zij optrokken, bij het eerste het beste opstootje ineen zouden storten; en ten slotte smartbouwers, omdat zij bijna zonder uitzondering werkten met dure crediet-hypotheken en hun weg derhalve een via dolorosa was. Men moest snel bouwen, opdat zoo spoedig mogelijk huren geïnd of huizen verkocht zouden kunnen worden en om daartoe te geraken, werden de verschillende onderdeden van den bouw aan de daarvoor in aanmerking komende ambachtslieden uitbesteed, hetgeen „aangenomen werk” heette. Deze werklieden wilden uiteraard de aanneem-som in den kortsten tijd, die mogelijk was, bemachtigen, en flodderden er



268

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.