indertijd geen geld voor brons geweest) en wordt nu en dan opgeschilderd in afwisselende kleuren; de laatste beschildering is een soort van alu-minium-grijs.
Dan volgt het standbeeld van Vondel, dat zich in het Vondelpark bevindt, doch zoodanig door boomen en struikgewas is omwassen, dat men het in het geheel niet zien en ternauwernood vinden kan.
Het derde is dat van Thorbecke, op het plein, dat den naam des grooten staatsmans draagt, doch eertijds Reguliersplein heette, maar in den volksmond Kaasplein werd genoemd. Het is wel het minst fraaie van de drie, doch erkend moet worden, dat de igde-eeuwsche kleedij niet medewerkt tot het modelleeren van een fraai beeld.
Op het Nassauplein, bij de Haarlemmerpoort, werd eenige jaren geleden een standbeeld van Domela Nieuwenhuis, den leider van hetgeen „de oude beweging” wordt genoemd, d.w.z. de oorspronkelijk sociaal-democrati-sche, later anarchistisch geworden groepeering. Als kunstwerk is het wellicht het beste van de vier eigenlijke standbeelden, die Amsterdam bezit. In een plantsoentje aan de Prins Hendrikkade tusschen Damrak en N.Z. Voorburgwal staat een borstbeeld van Prins Hendrik, den broeder van Koning Willem III, wel gelijkend, doch overigens zonder opmerkelijke hoedanigheden.
In de Plantage, aan de Nieuwe Heerengracht, bevindt zich een plantsoentje, overblijfsel van den voormaligen Parktuin; het draagt den naam A. C. Wertheimpark. Te midden van het fraaie oude geboomte heeft men een fonteinachtig gedenkteeken voor den verdienstelijken Amsterdammer, naar wien het parkje is genoemd, geplaatst, dat als kunstwerk geheel onbelangrijk is.
Een soortgelijk gedenkteeken werd in het Sarphatipark geplaatst, ter herinnering aan den vermaarden Dr. S. Sarphati, aan wien de stad zeer veel heeft te danken.
Een min of meer tragische geschiedenis heeft het gedenkteeken voor Herman Heijermans Jr., een werk van den beeldhouwer Dr. J. Mendes da Costa. Het ontving een plaats in een afgelegen en weinig bezocht gedeelte van het Vondelpark. Maar onverlaten wisten het te vinden en te schenden, zoodat restauratie noodig was. Het is niet naar zijn oude standplaats teruggekeerd, doch heeft in het plantsoen, dat eenmaal het Leidscheboschje was, een waardig verblijf verkregen.
Het laatste van de kleinere monumenten is dat, aan den dichter Adama van Scheltema gewijd, dat in het Apollo-kwartier werd geplaatst.
Voorts zijn er nog enkele kleine gedenkteekens, als voor Burgemeester
17 257