Amsterdam, die groote stad

Titel
Amsterdam, die groote stad

Jaar
1936

Druk
1936

Overig
1ed 1936

Pagina's
353



bewoners noemden haar „de Kampong”, doch deze naam was niet duurzaam) . De hoofdverkeersweg is de Linnaeusstraat (voorheen Oetewaler-weg), genoemd naar den grooten natuur-onderzoeker. Nu krijgen wij de zijstraten. Zij zijn niet naar biologen genoemd, met uitzondering van de Reinwardtstraat. Men vindt er de geschiedschrijvers der stad Von Zesen, Commelin, Dapper, Wagenaar, Pontanus, Domselaer en verder den philoloog Wyttenbach, de wiskundigen Pieter Nieuwland en Van Swinden, den pruldichter Pieter Vlaming. De geschiedschrijvers Fockens en Van der Vijver zijn echter ongenoemd gebleven.

Tusschen den Amstel en de Boerenwetering (Ruysdaelkade), ligt de eerste schildersbuurt. Daar vindt men Govert Flinck, Jan Steen, Frans Hals, Ferdinand Bol, Jan van der Heiden, Albert Cuyp, Van Ostade, Nicolaas Berchem, Saenredam. Maar wat hebben daar de klokkengieters Van Wou en Hemony, de musicus Sweelinck, de beiaardier Servaes Nouts, en zelfs de architecten Jacob van Campen en Daniël Stalpert (anders geen goede vrienden) te maken?

Bij de geschiedschrijvers der stad heeft men wiskundigen enz. gestopt; maar de beroemde vervaardigers van de oudste en mooiste kaarten van Amsterdam, Cornelis Anthonisz., Pieter Bast en Balthasar Florisz., heeft men in de tweede schildersbuurt onder dak gebracht.

Tusschen de tweede groep schilders, Ruysdael, Nicolaas Maes, Frans van Mieris, Pieter de Hooch, Gabriël Metsu, Paulus Potter enz., plakte men den hoogleeraar Van Baerle, den i gden-eeuwschen Nieuwer-Amstelschen arts Roelof Hart, den pastoor van de Bovenkerksche parochie Jan Willem Brouwer en den Nieuwer-Amstelschen burgemeester Alexander Boers. Achter het Concertgebouw komen Nederlandsche musici, Verhulst, Wanning, Van Bree, Schuyt, Ban, Dufay, Lassus, Des Prés, Okeghem enz. —■ en daartusschen Palestrina, die een Italiaan, en Valerius, die geen musicus is geweest.

Nu krijgen wij de schrijversbuurt: Ten Kate, Jacob van Lennep, Heije, Bellamy, Douwes Dekker, Tollens enz. en te midden van dit letterkundige gezelschap bevindt zich Van Speyk, de held van 1813, voor wien alle respect, maar een literator is hij nooit geweest.

Een eindje verder de wijk, van welke de Frederik Hendrikstraat de groote verkeersweg is. Om hem vinden wij, behalve zijn vrouw Amalia, Hugo de Groot, Van Oldenbarneveldt, Heinsius, die echter heel wat meer met Prins Maurits dan met Frederik Hendrik te maken hebben gehad en althans de beide eerste niet voor hun pleizier. Doch de naar hem genoemde kade ligt aan den anderen kant der stad. Wel vinden wij hier (Maria)



249

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.