Amsterdam, die groote stad

Titel
Amsterdam, die groote stad

Jaar
1936

Druk
1936

Overig
1ed 1936

Pagina's
353



dekte winkelgalerijen, die twee of meer straten met elkander verbinden — Amsterdam kon het er niet buiten stellen. Vele plannen werden gemaakt, o. a. tot den bouw van een passage, die een diagonale verbinding zou vormen tusschen de Reguliersbreestraat en de Vijzelstraat, waartoe dan de Duvelshoek zou hebben moeten verdwijnen (hetgeen zeker geen groot ongeluk zou zijn geweest). Van al deze plannen werd slechts één verwezenlijkt: de Passage tusschen Nieuwendijk en Prins Hendrikkade. Zij werd natuurlijk een mislukking. Het gebouw staat er nog, doch dient tot huisvesting van kantoren. Een ander plan van soortgelijken aard werd eveneens werkelijkheid: de Galerij om den tuin van het Paleis voor Volksvlijt. Eene voor dit doel opgerichte maatschappij kocht een breede strook van den Paleistuin en bouwde daarop een winkelgalerij, die den tuin aan drie kanten insloot, alsmede twee rijen woonhuizen aan Oosteinde en Westeinde. Aanvankelijk had de onderneming succes. Winkels en café’s aan de Galerij waren jarenlang alle verhuurd en het publiek maakte van de nieuwe wandel-gelegenheid druk gebruik. Maar op den duur ging het ook hier mis. Wat men „de loop” noemt, ging er uit. Het publiek kwam niet meer in de Galerij. Vele winkeliers moesten het opgeven en nieuwe daagden niet op. Het werd „een dooje boel” en de Galerij zou een ruïne zijn geworden. Na den brand van het Paleis voor Volksvlijt in 1929 kocht de Gemeente het terrein, met Galerij en belendende huizen. Binnen afzienbaren tijd zal alles worden gesloopt, om plaats te maken voor een nieuw stadhuis. De laatste sporen van de wereldstad-glorie zullen daarmede verdwijnen. — Een ander wereldstad-element waren de inodorer. huisjes, waarin de voorloopers van de moderne W.C., met waterspoeling, op verschillende punten van de stad geplaatst. Er waren zulke te Parijs en dus moest Amsterdam ze ook hebben. Daartegen kon op zich zelf geen enkel bezwaar worden geopperd. Ook de naam was wel typisch: reuke-loozen. Maar waarom hij in de hoofdstad van Nederland in het Fransch moest worden gesteld, is niet duidelijk. Ook thans bezit de stad vele zulke gelegenheden; zij zijn nu echter naamloos.

Vreemde talen. De herinnering aan de inodores doet de vraag rijzen, waaraan het toch is toe te schrijven, dat men in ons land, te Amsterdam dus eveneens, zich voor allerlei doeleinden van vreemde talen bedient. Aan den voornaamsten toegang tot de stad, het Centraal Station, begint het al. Wie het verlaat, ziet in koeien van letters voor zich staan: Uitgang—Sortie. Van alle volkeren, welker zonen en dochteren ons land en onze stad bezoeken, hetzij voor zaken of voor genoegen, zijn de Franschen het minst

234

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.