Amsterdam, die groote stad

Titel
Amsterdam, die groote stad

Jaar
1936

Druk
1936

Overig
1ed 1936

Pagina's
353



Hoe is ons gemeentebestuur gehuisvest?

Van het midden der 17de tot het begin van de 19de eeuw zetelde het stadsbestuur in het Stadhuis op den Dam, een schoon en rijk gebouw, een monument van de grootheid, de macht en de beteekenis der stad in „de gouden eeuw”, van den „burgerzin” en den rechtmatigen trots harer burgers — al zou schrijver dezes, hadde hij omstreeks 1640 geleefd, zich uit alle macht tegen den bouw van dit naar de Italiaansche renaissance ontworpen stadhuis, dat de monumentale ontwikkeling van onze eigen renaissance-architectuur belette, hebben verzet.

In 1806 benoemde Napoleon I zijn broeder Lodewijk tot Koning van Holland. Deze nieuwbakken vorst schijnt een rusteloos heerschap te zijn geweest. In de vier jaren van zijn bewind is hij zeker een half dozijn malen verhuisd. Zoo geschiedde het, dat hij eens Amsterdam tot residentie begeerde. Maar onze goede stad had nooit vorsten geherbergd en zij bezat dus geene paleizen. Het stadsbestuur stelde uit dezen hoofde het Stadhuis beschikbaar voor den Koning, die het in bruikleen aanvaardde. De architect Ziesenis bracht in het uiteraard niet voor woonverblijf bestemde gebouw veranderingen aan, die het voor zijn nieuwe bestemming eeniger-mate geschikt maakten. Het Waaggebouw op den Dam werd gesloopt, omdat het ’s Konings uitzicht in den weg stond. Lodewijk betrok zijn paleis, om het na korten tijd te verlaten. Het ware gelukkig geweest, als het stadsbestuur er toen dadelijk ware teruggekeerd. Maar dit geschiedde niet. Het bleef op het Prinsenhof, waar het zijn toevlucht had gezocht — en het zit er nog.

Het vond uiteraard in het betrekkelijk kleine gebouw niet voldoende ruimte voor de zich gestadig uitbreidende en talrijker wordende diensten. Derhalve werden voor en na vele huizen aan de beide Burgwallen en in de Agnietenstraat gekocht en inwendig aan elkander geflanst, zoodat het interieur van hetgeen als raadhuis dienst deed, en doet, een allerwon-derlijksten doolhof van gangen, portalen, trappen, hoeken en holen werd, en ten deele nog is. Een reeks van deze huizen op den Achterburgwal werd gesloopt en daar werd een, zeer leelijk, dienstgebouw gezet. Later geschiedde hetzelfde in de Agnietenstraat. Ten slotte werd, weinige jaren geleden, een radicale maatregel genomen. Alle huizen op den Voorburgwal, van het inrijhek tot aan de Agnietenstraat, werden afgebroken en ter plaatse werd een fraaie en aanzienlijke vleugel gebouwd, waarin o. a. de burgemeester en de meeste wethouders hunne kamers kregen, mooie trouwzalen werden gemaakt, alsmede reeksen dienstvertrekken en in het onderhuis een flinke cantine.

212

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.