VERMAKEN
■- Sf' vermaken der menschen zijn talrijk en veelsoortig, van hoogen, geringen en minderwaardigen aard. Vele werden hier reeds behandeld. Eenige andere verdienen, behoeven althans, volledigheidshalve, eene beknopte bespreking.
Toen in de jaren ’80 van de 19de eeuw velen, die het ongetwijfeld goed bedoelden, doch het verkeerd voor hadden, zich overgaven aan „wereld-stad”-illusies, hetgeen er op neer kwam Amsterdam van zijn eigen karakter en schoonheid te berooven en het te veranderen in een nabootsing van bepaalde groote steden, van Parijs vooral, werd het ook noodig geacht de stad uit te rusten met allerlei instellingen, als andere metropolen bezaten. De Parkschouwburg was van dit streven een voortbrengsel. Doch niet hij alleen. Londen bezat Madame Tussaud’s, Parijs het Musée Guérin, Berlijn een soortgelijke verzameling wassenbeelden, dus moest Amsterdam ook zooiets hebben. Eenige huizen en stalgebouwen, o.a. Roetemeiers Bierhuis, werden gesloopt en ter plaatse werd het Panopticum gebouwd. Op de boven-verdiepingen werd een wassenbeelden-galerij, compleet met gruwelkamer, geplaatst; de benedenzalen werden ingericht tot café. Aanvankelijk had de onderneming succes. Na eenigen tijd kwam er zelden meer een Amsterdammer en waren slechts „buitenlui” er bezoekers. Ten slotte lokte het bijna niemand meer. Het werd, met café en al, opgeheven, inwendig verbouwd tot schouwburg, zoodat het tegenwoordige geslacht het kent als het Centraal-Theater.
Groote buitenlandsche steden bezaten panorama’s, derhalve moest ook Amsterdam er een hebben. Het laatste stuk van de Nieuwe Prinsengracht, tusschen Plantage Muidergracht en Middenlaan, werd gedempt en de architect Gosschalk bouwde er het Panorama. De schilder Tetar van Elven maakte het doek: het Beleg van Haarlem. Later kwam er een ander: De Intocht van Jezus in Jeruzalem. Het gebouw bevatte ook een tentoon-
198