de café’s, waren de voornaamste bezoekers van tooneel- en muziekuitvoeringen, danspartijen enz.; hunne feesten waren de gewichtigste gebeurtenissen van de stad, de emblemen en zinspreuken hunner corpsen waren alomtegenwoordig. In een tamelijk groote haven-, beurs- en industriestad, als Amsterdam zestig jaren geleden was, in een werkelijk groote als zij daarna is geworden, kon van dit alles geen sprake wezen. De studenten gingen op in de massa, hunne sociëteit op het Rokin 'in het voormalige restaurant H Vosje, waar nu de Rotterdamsche Bank staat, later op den Heiligenweg en thans in de Sarphatistraat bij het Frederi <s-plein) trekt niemands aandacht, hunne feestelijkheden genieten welwillende, doch zeer matige belangstelling. Gedurende een korte periode vertoonden de studenten zich in het openbaar met fluweelen mutsen, in de kleuren hunner respectieve faculteiten, op het hoofd en onderscheidden zich aldus van de burgerij; deze min of meer Duitsche vertooning was van kortstondigen duur.
Eén groep studenten echter was algemeen bekend, die der „pillen”, zijnde de medische studenten, die met Rijks-subsidie studeerden, na zich te hebben verbonden officier van gezondheid te zullen worden; zij droegen namelijk een militaire uniform, waaraan men hen herkende; geruimen tijd geleden reeds werd zij afgeschaft.
Men denke echter niet, dat de Amsterdammers onverschillig zijn voor hunne Universiteit. Zij zijn er, integendeel, trotsch op.Toenin 1932 haar derde eeuwfeest luisterrijk werd gevierd, legde de geheele burgerij dan ook groote belangstelling voor de feesten en plechtigheden aan den dag. Amsterdam bezit nog een andere hoogeschool, de Vrije Universiteit op gereformeerden grondslag, waar godgeleerdheid, rechtsgeleerdheid, letteren en wijsbegeerte worden gedoceerd en die ook eenige bescheiden instellingen van medischen aard bezit.
Aangaande hetgeen in zijn tijd Amsterdam aan wetenschappelijke genootschappen bezat, deelt Wijkmeester Meijer het volgende mede: „Buiten dezen (de Latijnsche School enz.) zijn er in het laatst der vorige en in deeze Eeuw veele geleerde Maatschappijen en Genootschappen opgerigt. Onder dezen munten uit... de Maatschappij Felix Meritis, in welke geleerde verhandelingen gehouden worden en waar in de Teeken-kunde en Muzykkunde door eenen prachtige Concertzaal onderhouden wordt. — De Maatschappij tot Nut van het Algemeen, waar mede weeklijks verhandelingen gedaan worden en wiens bemoeyingen zich over het Volks Onderwijs door Scholen, Natuur- en Teekenkunde zich uitstrekken. — De Maatschappij van Bouwkunde, door de Heer I. van Vollen
152