Reijnvaan in de Doelenstraat, of'bij de Wildeman in de Kalverstraat, van tabak bij Lub in de Damstraat of bij Pinedo op de Jodenbreestraat. Koek, banket en taartjes, daarvoor moest men wezen bij Tenback in de Vijzelstraat of bij Figi in de Kalverstraat. Wie antiquiteiten begeerde, ging het eerst naar Boasberg of naar Delaunoy, beiden in de Kalverstraat en wie juweelen behoefde naar Verschuur op het Damrak, naar Bonebakker op de Heerengracht, naar Hoeting op de Heerengracht, naar Schim dt, Citroen of Wamsteeker in de Kalverstraat, naar Premsela in de Hoogstraat, naar Speijer op den Korten Zwanenburgwal. Heeren kochten overhemden, dassen en wat dies meer zij bij Bodenheim in de Kalverstraat, bij Roeper in de Halvemaansteeg of bij Schakel op den Heiligenweg, hunne boeken bij Van Heeteren in de Hartenstraat, bij Seyffardt op het Damrak, bij Scheltema en Holkema op het Rokin, bij Flocken Rolff of Reynet de la Rue, beiden in de Utrechtschestraat. Deenik op de Reguliersgracht was de timmerman, Jan Cleton in de Kalverstraat en Aalders op het Thorbeckeplein waren de loodgieters. Voor lederwerk ging men naar Verweegen en Kok in de Kalverstraat. Voor muziek naar Brix von Wahlberg. Ooms in de Muiderstraat was de kruier bij uitnemendheid. De dames togen voor zijde naar Metz & Co. op de St. Anthoniesbreestraat, voor andere stoffen en kleeding-stukken naar De Duif in de Kalverstraat, De Prijslijst op de Regu-liersbreestraat, naar Sinkei of Bahlmann op den Nieuwendij k, voor lingerie naar Klene-Capel op de Reguliersbreestraat (vandaar dat sommige debitanten van zulke artikelen hunne winkels De Kleine Kapel noemen), voor bloemen naar Frankenhuysen op de Reguliersbreestraat. De voorname slagers waren Evelijn op de Reguliersbreestraat en Halderiet in de Warmoesstraat. De klokken- en horlogemakers par excellence waren Stroethof in de Kalverstraat en De Casseres op de Nieuwe Heerengracht, doch ook Kiek was gerenommeerd. Als bakkers stonden Volmary op de Reguliersbreestraat en Goudeket in de Nieuwe Amstelstraat. op den voorgrond. Meubelen en snuisterijen kocht men bij Cossa in de Kalverstraat, de laatste ook bij Veerhof in dezelfde straat. Fijne visch en conserven leverden Saur op de Reguliersbreestraat, Van Laar op het Damrak en Berklouw op de Jodenbreestraat. Voorname kruideniers waren Smit in de Leidschestraat, De Bloeiende Theeboom in de Vijzelstraat (gevestigd in een prachtig oud huis), Dreckmeijer op de Botermarkt; en van Rozenboom op den Binnen-Amstel betrok men zijn bronwater, van Wille of Dupuy zijn aardewerk.
De eerste zaak waar zeer uiteenloopende artikelen van eerste hoedamg-
138