Amsterdam, die groote stad

Titel
Amsterdam, die groote stad

Jaar
1936

Druk
1936

Overig
1ed 1936

Pagina's
353



front te vormen, dat, naar beweerd werd, de parades in Plantage Midden-laan en Sarphatipark werden gehouden, omdat men daar de schutters over voldoende uitgestrektheid met de punten hunner laarzen tegen de tramrails in behoorlijk gelid kon opstellen.

De muziek der Schutterij was van heel wat beter gehalte dan de troep, want de kapel was het zeer goede orkest van het Paleis voor Volksvlijt, onder leiding van den welbekenden dirigent en voortreffelijken musacus Johan M. Coenen.

Onze Wijkmeester beschrijft de geschiedenis der Schutterij van de 14de eeuw af. Voor ons is slechts van belang wat hij verhaalt omtrent den oorsprong van het corps, dat de oudere Amsterdammers nog hebben gekend. Aldus:

„Deze Schutterij wierd bestierd door eenen Krijgsraad, bestaande uit vijf Kolonellen, 60 kapiteinen, 60 luitenants en 60 vendrigs en 180 sergeanten; in deze Schutterij waren begreepen alle manspersonen van 18 tot 60 Jaren oud.

Deze moesten om de Vijftiende Nacht waken, en de Poorten en Bomen openen en sluiten en ingeval van oproer en brand op hunne Loopplaatsen komen en bij Brand de toegangen tot het huis bezetten.

Dit bleef dus tot in het Jaar 1795, toen men aan het organiseren der Gewapende Burgerwacht in de geheele Republiek begon, en vooral in 1797 en 1798 en 1799 toen dezelve in drie Bataillons verdeeld wierd en, onder het bevel van een Kolonel, 3 Luitenantkolonels, 3 Majoors, 3 Luitenants Kwartiermeesters en 3 Bataillons Adjudanten.

In 1803 maakte het Staatsbewind een nieuw Reglement voor de Burger-wapening maar dit wierd niet ingevoerd. In den Jare 1806 wierd een nieuw Reglement gemaakt hetwelk ingevoerd wierd.

De Koning benoemde de Officieren; het was toen verdeeld in Vier Bataillons elk van zes Kompagnien, maar in 1809 kwam er weder verandering in dezelve, dezelve wierden op eene meer militaire voet ingerigt, met een Staf en verdere officieren, gelijk ook een Bureau van dezelve, ook wierde den gelden welke de dienstdoende genoten zedert 1804 als voor een Officier ƒ 1,10 een onderofficier ƒ 1,5 een Gorporaal ƒ 1 en een Schutter ƒ0,15 door den Koning afgeschaft, zijnde toen in 4 Bataillons elk van zes Kompagnien verdeeld.

Maar bij een Decreet des Keizers van 22 October 1811 wierd eene geheele verandering gemaakt en wierden in 2 Bataillons en 1 Eskadron verdeeld onder de Naam van bezoldigde Nationale Garde, elke Bataillon moest uit 140 Man bestaan, het Eskadron bestond uit 90 Gardes te Paard

130

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.