kassen en rijke zoölogische, botanische en ethnologische musea. Het aquarium is bijzonder fraai en vooral in den winter, als de bassins verlicht worden, van opmerkelijke schoonheid.
Het is nog niet zeer lang geleden dat, om zoo te zeggen, alle deftige en gezeten Amsterdammers lid van Artis waren. Hunne kinderen brachten er de vrije uren en dagen door; zij zelf kwamen er vaak. De middag- en avondconcerten werden druk bezocht; zij behoorden ook tot het beste, dat eertijds te Amsterdam op muzikaal gebied viel te genieten.
In de maand September, de kermismaand, was Artis voor „werklieden en dienstboden” toegankelijk voor een kwartje. Later werd deze gelegenheid ook op sommige feestdagen geboden en er wordt dan niet langer naar maatschappelijken stand gevraagd.
Een ondergeschikte bijzonderheid is nog, dat in Artis de eerste machine tot het vervaardigen van ijs, die de hoofdstad heeft gekend, werd opgesteld, hetgeen destijds als een groote aantrekkelijkheid gold.
Het gaat met Artis thans niet naar wensch. Het wordt niet langer als een kenmerk van deftigheid beschouwd, lid van Artis te wezen. De muziekliefhebber gaat niet langer naar Artis, doch naar het Concertgebouw. Verder doet zich ook hier de invloed van de algemeene daling van het cultureele peil gevoelen. De jacht naar wufte genieting verdringt het behagen in ontspanning van hoogeren aard. Op de vrije dagen is bovendien de automobiel de voornaamste aantrekkelijkheid geworden. Bij dit alles voegt zich de uitwerking van de verschuiving der bevolking naar de nieuwe buitenwijken, vooral naar het Zuiden en Westen der stad, hetgeen tot gevolg heeft, dat Artis voor talloozen te ver is, te ver om er zij n kinderen heen te sturen, te ver om er zelf heen te gaan. En dan is daar ten slotte het feit, dat duizenden vermogenden en middenstanders zich buiten de stad, waarin zij hun bestaan vinden, vestigden, in de forensenoorden, op de Gooische heide en in het Kennemer duin, en dus alle verbinding met stedelijke ontspanningsoorden hebben verloren.
Het is reeds zoover gekomen, dat overheids- en andere koppen bij elkander werden gestoken, om te beraadslagen over Artis’ toekomst. Dit overleg is pas begonnen. Het moge leiden tot maatregelen, die het voortbestaan der instelling in lengte van dagen zullen verzekeren. Het zou weinig minder dan een schande zijn, als Artis zou moeten verdwijnen. Men kan zich Amsterdam zonder Artis ternauwernood denken.
Nu komt, bij wijze van apotheose, de grootste, de voornaamste van alle vermakelijkheden, die de Amsterdammer van weleer kende en genoot: de Kermis.
110