ONTBINDING VAN HET HUWELIJK
rechtbank. Deze procedure strekt er toe om twijfel met betrekking tot de echtscheiding uit te sluiten1.
Daarna verstrekt het Beth Din een 'get patar' (akte van wegzending) waarin wordt vermeld dat partijen bevoegd zijn te hertrouwen binnen Israël d.w.z. met een Joodse partner.
Vergeleken met de situatie naar Nederlands recht waarin partijen door middel van verplichte procesvertegenwoordiging door de rechtbank worden gescheiden en het dus mogelijk is dat de echtscheiding een volledige papieren procedure is, is de echtscheiding naar Joods recht 'confronterender': partijen zijn in persoon aanwezig en moeten zelf actief (de man), dan wel passief (de vrouw) de echtscheiding tot stand brengen.
VII.3 Nietigverklaring van het Huwelijk
Naast het recht van de man om zich van zijn vrouw te scheiden, hadden de battei din (rabbinale rechtbanken) ook de bevoegdheid om sommige huwelijken nietig te verklaren, omdat een dergelijk huwelijk was gesloten in strijd met de voorschriften uit de Tora of in strijd met door de rabbijnen uitgevaardigde voorschriften. In de praktijk werd dit gezien als een pseudo-echtscheiding. Er werd echter geen get afgegeven omdat het huwelijk van meet af aan nietig was. Deze bevoegdheid van het beth din viel onder de strafrechtelijke competentie, vaak werd er na een dergelijke nietigverklaring ook nog een lijfstraf opgelegd. Gelet op de bevoegdheden van de rabbinale rechtbanken tegenwoordig hier ten lande zal van deze laatste mogelijkheid geen gebruik kunnen worden gemaakt.
Gevallen waarin een huwelijk nietig is, zijn:
1. Huwelijk met een partner waarin een eerstegraads verboden graad van verwantschap bestaat. Bij huwelijken van een tweedegraads verwantschap is echtscheiding voor de man verplicht2.
157
1 S A E H154 seder haget 86.
2 S.A.E.H. 154:20: "Als iemand een vrouw trouwt en daardoor een verbod overtreedt, zelfs als dit een rabbinaal verbod is zoals een tweedegraads verboden relatie, is hij verplicht zich van haar te scheiden".