Henri van de overkant

Titel
Henri van de overkant

Jaar
1936

Druk
1963

Overig
5ed 1963

Pagina's
255



ri moest denken aan een vallende ster. Maar ze kneep gehoorzaam haar ogen dicht en prevelde binnensmonds.

‘Wat heb je gewenst?’ vroeg Henri.

‘Dat kan ik niet zeggen want dan komt het niet uit!’

Dat was jammer. Henri had zich voorgenomen om de wens te vervullen als het maar even ging en ook voelde hij zich een beetje kaal staan, alsof hij niet echt bij het meisje hoorde als ze hem niet alles vertelde. ‘Zeg het toch maar,’ drong hij aan.

‘Het kan niet.’ Mietje keek heel beslist. ‘Ik wil dat het uitkomt.’ En daar bleef het bij. Henri keek haar nog een paar maal expres heel vragend aan, met hoogopgetrokken wenkbrauwen en een grappig gezicht, maar ze liet zich niet vangen. Het moest bepaald een ernstige wens zijn.

‘Hebben we nu alles gezien?’ vroeg Mietje.

‘O heden neen. We gaan nu terug langs het nijlpaard en we moeten nog naar de zebra’s en de beren, er is nog een heleboel. En dan de museums, - maar dat is een beetje vervelend want alles staat er stil.’

‘Ik ga niet in een museum,’ zei Mietje. ‘Ik ben eens met mijn opa naar het Rijksmuseum geweest, daar werd ik helemaal warm en draaierig van en ik weet niks meer. Laten we nu maar naar dat nijlpaard gaan.’

Het nijlpaard stond in zijn volle gedrochtelijkheid bij het bassin, waarop ronde vet-ogen dreven. ‘Wat een vies, vet loeder,’ zei Mietje, ‘zijn bad lijkt een soepie.’ Juist kwam de knecht aan met een roggebrood, hij demonstreerde voor het Hemelvaartpubliek de wijdgapende bek met de brede bruine tanden en de roze vetkwabben. De lompe brokken brood werden bespottelijk klein op de monsterlijk zware tong.

‘Zonde voor het goeie roggebrood,’ vond Mietje, maar Henri stopte een cent in het busje voor het personeel, hij vond het nijlpaard erg de moeite van het aanzien waard. Men moest natuurlijk wel heenkomen over iets dat walgde, maar daarna kon men zien dat het nijlpaard hetzelfde was als de Behemoth uit het boek Job. Daarover kon men niet praten, zei God tegen Job, daar kon men alleen naar kijken en zich verwonderen.

Er schoten Henri in deze tijd telkens dingen uit de Bijbel te binnen, doordat hij voor zijn Barmitswo moest leren bij meester Co-hen, die bij ieder Hebreeuws woord lange bijbelse verhalen vertelde. Als men vergat dat ze niet waar konden zijn, was het heerlijk om ernaar te luisteren, het was veel mooier dan geschiedenis op school. Natuurlijk kon dat ook niet anders, want men stelde er zich meer kleuren bij voor en de bijbelse mensen waren statiger. Als men

88

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.