Henri van de overkant

Titel
Henri van de overkant

Jaar
1936

Druk
1963

Overig
5ed 1963

Pagina's
255



maar daarvan kon hij natuurlijk niets verstaan. Wel begreep hij waar het over ging, want het waren de grootste meisjes uit de hoogste klas van de armenschool en die zouden wel alles weten van de grotemensendingen.

Toen hoorde hij opeens dat Mietje heel duidelijk ‘verrek’ zei, ze stompte zich los en kwam naar hem toe terwijl de meisjes op een kluitje naar hen bleven kijken. Hij bleef staan tot ze naast hem was, toen zocht hij de kleine steentjes op langs de huizen waar men prettig samen kan lopen zonder dat men uit de weg hoeft te gaan voor een kar.

‘Rotmeiden,’ zei Mietje, ze keek nog eens achterom over haar schouder en stak haar tong uit, maar goedmoedig. ‘Kijk, daar gaan ze, ze hebben toch niet het lef om ons achterop te komen. Barsten ze. - Maar wat moet je eigenlijk van me?’

‘Wil je morgen met me mee naar Artis?’ De woorden vielen hem over elkaar van de tong, nu was het gezegd. Hij voelde zich vuurrood worden, waarom wist hij zelf niet.

‘Asjemenou,’ zei Mietje. ‘Hoe kom je daarbij?’

‘Zomaar,’ zei Henri haastig, ‘’t Kan best. Ik heb het geld en pa is op reis en aan de Franse mevrouw vertel ik wel wat, — het is allemaal in orde. - Wil jij?’

‘Natuurlijk! waarom zou ik niet willen? En ik kan ook best, want moeder haar vent is net binnen met de Prins Frederik en dan heeft ze geen minuut tijd. Ik zal zeggen dat ik naar het Tolhuis wil, dan geeft ze boterhammen mee en centen voor de pont’

Henri glimlachte tegen het rimpelend water, dat opeens vrolijk werd doordat de zon er lichtspattend in weerkaatste.

‘Fijn zeg, ik was daarnet nog bang dat je misschien niet kon.’

Toen lachte Mietje een heldere hoge lach, die paste precies bij zijn eigen blij gevoel en het water en de zon. ‘Niet kon?’ riep ze, ‘als ik iets wil dan kan het toch, gekke jongen!’

De papegaaien krijsten een heidens opgetogen welkom terwijl de kinderen in de drom wachtende mensen voor het Artishek schoven. ‘Hier,’ zei Henri en stopte een kwartje in Mietjes hand, ‘vraag maar aan die ouwe mijnheer of hij voor je wil betalen en je mee naar binnen neemt, want kinderen zonder geleide worden niet toegelaten, het staat op het bordje.’ Toen glipte hijzelf terug uit de hoop naar de ledeningang waar men hem kende, hij vond het wel sneu dat hij nu weer net als altijd alleen naar de nette kant moest. Hij had veel liever met Mietje zo voetje voor voetje tussen al de mensen meegelopen, maar dat kostte een extra kwartje. Een beetje ademloos stond hij toe te zien of Mietje door de con

78

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.