Henri van de overkant

Titel
Henri van de overkant

Jaar
1936

Druk
1963

Overig
5ed 1963

Pagina's
255



Maar het was blijkbaar zo. Mietje stond op, ging naar het midden van het veldje en sloeg haar kleren af, ze stak ook de haarspelden vast in haar vlechten. Toen richtte ze zich hoog op, haar armen strekten zich wijd en haar hoofd boog achterover, zo stond ze een ogenblik heel stil, alsof ze de wereld tegen zich aanvoelde. Toen echter kwam ze terug bij Henri en knielde bij hem neer. Heel voorzichtig kwam haar mond naar hem toe en gaf een lieve lichte zoen op zijn voorhoofd tussen zijn wenkbrauwen.

Henri legde zijn twee armen om haar heen. ‘Heb je spijt?’ vroeg hij» maar niet angstig, hij zag wel dat ze geen spijt had.

‘Nee, waarom zou ik?’ vroeg Mietje.

‘Omdat... omdat... nou ja.’

‘Omdat ik een kind zou kunnen krijgen?’ vroeg Mietje.

Henri kon niet antwoorden, maar zijn bezorgd opgetrokken wenkbrauwen vroegen verder. Ja. Dat was het, dat was hem daarnet ingevallen. Het had niet mogen gebeuren, - hij dacht aan Mark Zadoks’ voorspelling en werd bang.

‘Laat dat maar aan mij over,’ zei Mietje. ‘Dacht jij dat ik niet heb geweten hoe het zou gaan met ons? Dat heb ik toch al zolang zien aankomen, en het werd tijd ook. Ik dacht al, ben jij nou een jongen of niet!’

Henri zat opeens rechtop. Hij had kunnen snikken van geluk. Ze wilde hem dus, hemzelf, helemaal hemzelf, zoals hij was. Hij hoefde niet anders te zijn of te worden voor haar. Ze had op hem gewacht al die jaren, al die laatste lange jaren, toen hij zichzelf dom en minnetjes en onbelangrijk had gevonden. Al die tijd had zij hem goedgevonden zoals hij was, al die tijd had ze hem gewild. ‘Zou je met me willen trouwen? - nou ja - later natuurlijk.’

Hij wist en wilde dat Mark Zadoks onselijk hebben zou.

Trouwen?’ vroeg Mietje met een verbaasd uithaaltje, ‘trouwen...? Hoe krijg je het in je hersens, jongen? Waarom?’

‘Nou ja, zomaar. Omdat je dan altijd bij mekaar kan zijn.’

‘Jij bent me d’r een!’ Mietje schudde wijs haar hoofd. ‘Dat zou wat worden. Trouwen met een jongen zoals jij? dat zal ik wel uit mijn lijf laten, dat kan niks als ongeluk geven. Je weet alles beter en je hebt fijne manieren en - gossie, - ik zie me al aan tafel zitten met jou, ik zou geen aardappel durven prakken.’

‘Wat komt dat er nu opaan!’ pleitte Henri.

‘Dat komt er alles opaan. Nee, zet die gekheid maar uit je hoofd, zo iets gaat alleen goed in de sprookjes.’

Henri merkte dat zijn wijd geluksgevoel weer was ingekrompen tot niet meer dan de gewone blijdschap omdat hij op deze zomerdag uit was met het aardige meisje. Schuchter vroeg hij: ‘dan hou

245

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.