Henri van de overkant

Titel
Henri van de overkant

Jaar
1936

Druk
1963

Overig
5ed 1963

Pagina's
255



jaar werd alles anders.

Ze kochten een ganse lading potten, die Henri voorzichtig hielp plaatsen op een handkar; toen de kruier de duwboom pakte, bleven ze dicht bij de kar, hun ogen bewaakten de blijde bloemenvracht die voor hen uitreed. Even keek Julie omhoog en knikte Henri toe, haar ogen waren dankbaar als van een kind. Hij glimlachte terug naar die ogen.

‘Petite Juliette!’ zei hij vrolijk, maar raakte toen plotseling de glimlach kwijt want haar mond ging pijnlijk beven en het korte kreunen in haar keel gaf hem een schok van schrik.

‘Petite Juliette!’ zei hij broederlijk troostend en trok haar arm door de zijne. Maar hij liet dadelijk weer los, haar ogen waren te diep en te donker geworden. En weer moest hij denken: ‘dit is passie.’

Zwijgend liep hij naast haar voort achter de kar vol bloemen. Hij begreep niets van haar, hoewel hij haar toch heel graag mocht.

Toen brandde de zon het jaar open tot zomer. Juli bracht lage, gloeiende luchten en onweerswolken die plotseling daaruit neerzakten en losbarstten. De onbarmhartig hete dagen waren even vermoeiend als de slapeloze nachten vol rommelende donder.

Henri leed hevig onder de hitte. Hij was altijd al onderhevig aan de weersschommelingen, - als in voor- of najaar de kentering-stormen waaiden, was het hem alsof de stromende lucht dwars door zijn schedel blies; bij de minste aanleiding gaf dat hoofdpijn. Nu, in de elektrisch geladen nachten, schoof hij zijn warm hoofd over het kussen terwijl hij vergeefs trachtte de lange trein van voorbijjagende beelden en gedachten tot stilstand te brengen. Deze nachtobsessies waren vermoeiender en enerverender dan ooit, -want hij was toe aan zijn eindexamen en bleek niets meer te weten. Veertien dagen geleden had hij zijn laatste schooldag gehad. Daarna was de klas uit elkaar gegaan, er werd verwacht dat ieder nu thuis nog zelfstandig zou werken tot aan het examen. Sommige jongens, die vrienden waren, gingen met elkander zitten leren, er werden afspraken gemaakt en men leende elkander uittreksels. Er was weinig angst in de klas, het zou wel gaan, de knapsten keken zelfs opgewekt vooruit in een voortijdige vakantie.

Henri had Mark niet durven vragen om samen te werken, Mark hoefde niet te werken, die wist allang alles. ‘Wat ga je doen?’ had Henri hem gevraagd. ‘Vast een beetje werken in de Universiteitsbibliotheek.’ Mark zei het zonder een zweem van opsnijderij.

226

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.