Henri van de overkant

Titel
Henri van de overkant

Jaar
1936

Druk
1963

Overig
5ed 1963

Pagina's
255



beetje honger voor over hebt.’

‘Geen zes weken lang!’ zei Mark beslist.

Jacob Glaans haalde zijn schouders op. ‘Zal ik jou es wat zeggen, jongen? Die stakingstheorieën van jullie zijn allemaal prachtig, -allemaal gemaakt voor voorzichtige mensen. Maar eenmaal voorzichtig altijd voorzichtig. Jullie passen eerst op je koppen en dan op je centen en op ’t laatst passen de bestuurders op hun baantjes. Niks voor een Amsterdamse jongen. Geef mijn dan maar Wessels, - en als het moet ook nog maar Van Emmenes, al lopen de centen hem wel eres raar door z’n vingers.’

‘Jesses nog antoe,’ zei de oude Glaans van achter de kachel, ‘ken-ne jullie vanavond nou ook nog niets anders dan kankeren tegen mekaar? Wil je geloven dat ik heb staan beven op mijn benen toen ik het nieuws heb gehoord! Godverdomme, dacht ik, je hebt gelijk gehad, ouwe man’, - vader Glaans stak zijn hand omhoog naar de kop van Domela boven de latafel, - ‘je hebt gelijk gehad, je hebt vertrouwd op het volk. “Heel het raderwerk staat stil, als uw macht’ge arm het wil” - ik had kennen grienen van blijdschap, waarachtig, mijn leven lang heb ik erop zitten wachten dat ze het begrijpen zouen. - Nou kan alles; nou maken we een nieuwe wereld en dan ruimen we meteen de ouwe hemel op.’

‘Vader staat weer op zijn preekstoel,’ lachte Jacob Glaans, ‘dat hebt-ie ook van Domela. Mijn een zorg of d’r een ouwe of een nieuwe hemel van komt, - als ze mijn hier nou maar laten werken zoals ik wil. En een borrel op zijn tijd en geen schoolmeestersge-donder aan m’n oren. Niet van Domela en niet van Henri Polak.’ ‘Maar Troelstra is toch zeker geen schoolmeester?’ vroeg Mark. ‘Jezis nee, dat is een advocaat. Als je een avond zit te luisteren, dan denk je: hij heeft nog gelijk ook. Maar je kan niet van me vergen dat ik lees wat hij in de Kamer zegt, daar kan een bootwerker niet bij, al praat hij honderdmaal over de strijdende arbeiders. Ik zeg maar, als het op knokken aankomt, heb je meer aan Janus Stomps, die naast je staat, dan aan een meneer in Den Haag. -Och man, je had die Durgerdammers moeten zien, - compleet moes.’

Henri luisterde en keek ingespannen naar Jacob Glaans. Het was ongelooflijk en heerlijk dat zo iemand kon bestaan, hij was de kracht en het zelfvertrouwen in eigen persoon. Zijn linkerarm zat maar toevallig in verband, hij twijfelde geen ogenblik of die arm wel weer sterk zou worden, hij dacht niet aan de arm, die groeide vanzelf wel weer naar zijn hele lichaam toe. En achter zijn laag voorhoofd kon ook geen twijfel bestaan. Daar was hij zichtbaar Jacob Glaans, een Amsterdamse jongen, met de bries van het IJ en

208

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.