Henri van de overkant

Titel
Henri van de overkant

Jaar
1936

Druk
1963

Overig
5ed 1963

Pagina's
255



die is meer geschikt voor jou. Als je je eens verveelt dezer dagen kan je beter een goed boek nemen. Ken je de “Mei” van Gorter?’ ‘Een beetje,’ zei Henri, ‘er is op schoool uit voorgelezen. Maar het zijn zulke lange, moeilijke zinnen, ik kan er niet goed uit wijsworden. ’

De dokter keek verlangend naar zijn boekenkast, trok zijn horloge uit zijn zak en schrikte meteen zichtbaar. ‘Allemachtig, ik ben veel te laat, - nu, adieu hoor!’ Hij wenkte Henri haastig mee naar de gang. Terwijl hij zijn jas van de kapstok rukte, zei hij nog: ‘Eer ik het vergeet, - je mag wel eens even aanlopen bij de oude heer Godschalk in de Stichting. Hij heeft het over je gehad en hij is erg minnetjes tegenwoordig.’

Toen duwde hij Henri voor zich uit door de voordeur.

Hoe het kwam dat Henri de volgende dag Mietje van de overkant ontmoette, terwijl hij juist die nacht van haar had gedroomd, wist hij zelf niet. Hij was werkelijk niet uitgegaan om haar tegen te komen, hij had alleen verlangd om na de hete augustusdag in de vallende avond langs een water te lopen en was toen vanzelf terechtgekomen onder de bomen van de Herengracht.

Natuurlijk wist hij wel dat ze daar ergens diende in de buurt van de Leidsegracht, want dat had ze zelf verteld. Maar hij had er niet aan gedacht eer hij er liep.

Het was nu gelukkig weer goed met Mietje. Toen ze hem nooit meer met Fonseca zag lopen, had ze weer zijn kant uitgekeken totdat hij durfde groeten, en vanzelf was hij toen naar haar toegegaan om het goed te maken. Het was prettig dat ze daarna weer gewoon lachte als hij aankwam, ze had een erg lief gezicht als ze vriendelijk keek. Mark Zadoks vond haar ook aardig, dat kon men zien. Die groette altijd met een zwaai van zijn hand, maar Henri bewaarde zijn knikje tot ze vlakbij was, dan keek ze langer. Maar kort voor de vakantie was ze op een ochtend stil blijven staan voor de jongens en had verteld, dat dit de laatste maal was dat ze ’s morgens door de Damstraat liep. Haar moeder had gewild dat ze meer zou verdienen, toen had ze haar dagdienstje moeten opzeggen. Dat was wel jammer, ze had er allebei de kinderen zien geboren worden, maar haar moeder had een echte grote dienst geweten voor dag en nacht. Nog wel op de Herengracht, bij echte deftigheid, de directeur van ’t suikerfabriek, een paar oude mensen met een grote zoon.

‘Ik heb twee jurken gekregen van mijn moeders man en drie wit

173

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.