Henri van de overkant

Titel
Henri van de overkant

Jaar
1936

Druk
1963

Overig
5ed 1963

Pagina's
255



knecht. Nu op de sabbat droeg mijnheer Apfelbaum een nette zwarte pandjesjas, maar Henri gleed toch vlug langs hem heen. Dit was de slager echter niet naar de zin, hij stak een brede hand uit naar de barmitswejongen en liet Henri’s arm eerst weer los, toen mijnheer Godschalk hem zachtjes opzijdrong.

Nu keerde mijnheer Apfelbaum plotseling ostentatief zijn rug naar Henri’s vader en ging druk fluisteren aan het oor van zijn linker-buurman, de dove apotheker. Natuurlijk kon Henri bijna alles verstaan, na de eerste gearticuleerde fluisterwoorden wist hij al waarover het ging. Slager Apfelbaum was boos dat hij bij hen thuis geen vlees meer mocht leveren en vertelde nu waar hij kon, dat mijnheer Godschalk geen kosjere huishouding meer had. Dat was ook wel zo, maar Henri wist hoe het kwam. Madame Pion klaagde erg over het vlees, vooral over de biefstukjes die eigenlijk doodgewone osselapjes waren, en het had haar niets kunnen schelen dat pa uitlegde waarom een joodse slager geen vlees van de achterbouten mag verkopen. Ze had net zolang geklaagd, tot tante Julie Sel-lie had opgedragen om in het vervolg vlees te bestellen bij de christen slager Van Breemen, die een deftige zaak had in de Utrechtse-straat. Sellie had gedaan wat haar werd bevolen, maar ze had meteen de dienst opgezegd. Ze zou nog haar drie maanden uitblijven, zei ze, omdat ze zo lang in mijnheer Godschalk zijn huis was geweest, maar ze at al geen vlees meer, en Henri had echt verdriet als hij haar de dampende stukken rosbief zag rondwentelen in de bruine geurige boter terwijl hij wist, dat ze nergens van zou kunnen meeëten.

Ook over een ‘choppe’ en een ‘kesoewe’ fluisterde mijnheer Apfelbaum, en wel zo hoorbaar, dat Henri nu in geen geval meer luisteren wilde. Want de slager sprak over het ontbreken van mijnheer Godschalks kerkelijke trouwceremonie en huwelijksakte met zo’n woedende minachting en tegelijk met zo’n heet interesse, dat Henri opeens werd herinnerd aan Dorus Steeman, die op dezelfde toon tekeer ging als hij zijn rare prentjes vertoonde.

Het was jammer dat hij nu hier in sjoel aan dit alles moest denken. Hij voelde ook, dat er nu overal om hem heen over zijn vader werd gefluisterd, natuurlijk, het was ook de eerste keer dat die weer in sjoel kwam na zijn huwelijk. Maar Henri vond het jammer dat dit juist op zijn barmitswedag moest zijn. Hij maakte zich een beetje klein in zijn bank omdat er zoveel ogen hun kant opkeken. Mijnheer Godschalk had zijn mooi soepelzijden talith omgeslagen, hij deed dat altijd heel zorgvuldig, de prachtig geborduurde hals-rand legde hij als een kraag om zijn nek. Henri zag voor het eerst dat de hoge hoed daar helemaal niet bijhoorde, en als een verzetje

111

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.