De wonderbare genezing

Titel
De wonderbare genezing

Jaar
1929

Druk
1929

Overig
1ed 1929

Pagina's
144



stijf corset. Ik rochelde en ademde tegelijk, ik rekte mijn armen, maar onder aan mijn armen voelde ik vuisten.

Toen mijn armen weer slap vielen, moest ik diep ademhalen, ik wist niet eens meer waar ik was, mijn oogen zochten rond of ze iets zouden vinden.

Eerst was er niets, maar toen ging de wereld open, een stolp werd weggenomen van de wereld. Alles wat stijf stond, ging bewegen, de kale wintertakken droegen toch knop, er wemelde iets in de winterlucht, dat nog niet was te zien geweest. Maar de harde grafsteenen werden vijandig, ze keken me weg, ze schaarden zich langs de voetpaden om me de richting te duiden naar het hek.

Ik heb de arme bloemen weggegrepen van den steen en ben er hard mee naar huis geloopen, ik hield ze dicht tegen mijn mantel, beschut tegen den kouden luchtstroom. Nu staan ze weer hier bij mij in de kamer en ik voel toch geen schuld.

Grafschennis? Wat een groot woord. Ik laat me niet meer bang maken. Het mocht. Het mag wèl. Ik had alleen bloemen op haar graf gebracht omdat zij zelf zoo iets deed, omdat iedereen het doet. Maar ik zal het nooit meer doen. Ik zal nog maar alleen doen wat door mij gedaan wil worden.

Alles wat gedaan wil worden, er is nu niets meer, dat niet mag.

Ik ben vrij. Alles mag wat gedaan wil worden. Ik strek mijn handen en voel geen muren meer.

D e notaris deed grappig, hij vroeg of ik een wereldreis wou gaan maken, omdat ik mijn heele kapitaal opvroeg.








79

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.