't Brokkenhuis

Titel
't Brokkenhuis

Jaar
1932

Pagina's
359



— Ik zie Verlangen mijn lichaam ontzweven, naar de verre stad en ikzelf zweef het achterna.

Ik volg het spoor van mijn Verlangen en passeer elke plek, waar het heeft verwijld.

Ik ben waar het was en bereik de plaats waar het is, op het moment dat het die verlaat.

Steeds is het mij, als kan ik het grijpen, want het zweeft heel even voor me uit; feitelijk zijn we één, mijn Verlangen en Ik.

En toch, kom ik steeds te laat, want het is er niet meer, als ik daar ben.

Henny, ik verlang zoo onuitsprekelijk naar mijn Verlangen.

Ze ontbeten op Henny’s kamer en namen daar ook afscheid van elkaar. Daarna zocht hij le Grand op, in zijn privé-kantoor.

De directeur kwam hem met uitgestoken hand tegemoet.

—    Over een uur vertrek je, zei hij. In de stad wacht je auto je aan het station en Stien weet al, dat je vandaag niemand ontvangen kan.

Barrèl was verrast door die blijken van attentie. Hijzelf had nog niet eens aan die bijkomstigheden gedacht.

Nu vertelde le Grand hem allerlei bizonderheden uit het leven van vroegere patiënten en besprak de laatste politieke en algemeene nieuwtjes. Barrèl luisterde slechts, maakte nu en dan een ondergeschikte opmerking en nipte aan een glas champagne, dat le Grand had ingeschonken.

Een sigaar?

—    Dank je, ik rook liever niet, zei hij, met stille stem. Ik

334

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.