Hij lachte tot de tranen in zijn oogen stonden.
— Bijna, gaf Frits Waller toe. Karei was nu natuurlijk in verlegenheid tegenover dat andere bureau, maar hij wilde in geen geval Van Duren voor het hoofd stooten.
— Nee, nee! riep mijnheer Lobbes, nog steeds lachend. Een kolossale grap. Ga verder, Frits. Karei, jongen, ik wist niet dat jij zoo’n grappenmaker was.
— Wel, het vervolg kun je je wel indenken. Van Duren had de oudste rechten en bleef op zijn stuk staan. De directeur van het andere bureau was er echter niet mee tevreden en gaf een advocaat de zaak in handen. Dat wordt dus een proces om schadevergoeding.
— Kan-ie krijgen, zei Lobbes goedig, als-ie me maar met zijn lift van het lijf blijft. Die maakt Van Duren. Vérder, het lijkt wel een roman.
Waller haalde adem en keek den kring rond. Dan luidde de bel en kwam Leo Garrels binnen. Hij begroette mijnheer Lobbes luidruchtig, schudde hem herhaaldelijk de hand, en trad dan op Cora toe.
— Kom hier, kusapparaatje! riep hij. Hé paps, wat ik vannacht droomde, kun je nooit raden. Je verbood me Cora te kussen en toen ik het tóch deed, sloot je me voor straf in den kolenkelder.
Hij lachte luid en Lobbes, Cora en Media lachten mee.
— Kolenkelder, antwoordde Lobbes tusschen zijn lachen door. Daar heb ik toch óók van gedroomd. Onthou dat, Vogel.
— En je wou Cora naar een kostschool sturen, paps! riep Leo, overmoedig op zijn succes, omdat ze tegen Uw wil met mij verloofd was. Dat zei je ten minste.
— Gescheld, zei Media.
Lena klopte en diende den heer Kooymans aan.
— Hier is de rheumatieklijder, schertste mijnheer Lobbes. Spoel je maar eens goed door, met een glas port, Kooymans. Reken er maar
255