Waller schakelde een nummer in en beduidde Vogel, dat hij voor de deur zou gaan staan.
— Hallo, met Waller. Ben jij het, Cora?
— Ja kind, prachtig, heerlijk. Er is niets minder dan een wonder gebeurd. Binnen een kwartier zijn we thuis.
— Best, maar straks moet ik een echten zoen hebben. Dag, tot zoo meteen, kindje.
Mijnheer Lobbes kwam terug. Twee minuten later zaten ze in de auto, die aanstonds voortsnelde.
Lena stond „toevallig” aan de deur. Een oogenblik aarzelde ze. Dan greep ze met blijden uitroep mijnheer Lobbes’ hartelijk toegestoken hand. Haar luide begroeting scheen mevrouw Margie en Cora er merkzaam op te maken, dat er iets gaande was. Ze namen den reiziger in haar midden en voerden hem opgewonden van geluk naar de huiskamer.
— Stel je voor, Margie, zei mijnheer Lobbes, toen de eerste begroetingen voorbij waren en Dr. Vogel was voorgesteld. Ik had al
minstens een uur eerder hier kunnen zijn, als Frits en Dr. Vogel......
Mag ik het zeggen, Frits?
— Ga gerust je gang, stemde deze vroolijk toe.
— Dr. Vogel wilde een hypnotisch experimentje op mij toepassen en me suggereeren dat ik in een andere maand geboren was, dan het geval is. En het gevolg was, dat ik, nog moe van mijn reis, in slaap viel. Nou, hoe vind je die ? Ha-ha-ha I
En hij bulderde zoo gezellig zijn ouden, hartelijken lach uit, dat de anderen zich niet hoefden te pressen mee te lachen.
— Zou je nu niet eerst wat eten, vadertje? vroeg Cora.
— Wit eten ? Wel, lieve meid, ik heb een gevoel in mijn maag, of ik