Hij greep Leo bij de beenen en stuwde zijn lichaam voor zich uit als een kruiwagen. In die houding liet hij den amateur-bokser de trap afglijden.
— Help eens, Watson! riep hij.
Oom Karei kwam en droeg met zijn chef den bewustelooze op de anthraciet, onder afkeurend gemompel van Dr. Vogel en een spottend gegrijns van mijnheer Lobbes.
— Ben je van plan, hier een familiegraf in te richten? vroeg de laatste. Hoe komt er in ’s hemelsnaam zóóveel volk in mijn huis?
— Man, je hebt je handen met bloed bezoedeld, zei Dr. Vogel verwijtend.
— Nee, met chloroform. Opmerken, samenvatten, oor......
Hij zweeg, want mijnheer Lobbes keek, of hij uit zijn banden wou springen. Hij had zich wel voorgenomen, tegenover den dwazen detective niet meer zijn geduld te verliezen, maar die malle spreuk maakte hem razend.
Joris Jochem herinnerde zich oom Karel’s waarschuwing en slikte daarom de rest in. Niettemin was het hem onverklaarbaar, dat iemand ter wereld iets tegen zijn zinspreuk kon hebben.
— Mijnheer Lobbes, het komt mij voor, datU mijn optreden hier verkeerd uitlegt en beoordeelt, wendde hij zich nu verklarend tot deze. Ik handel uitsluitend op Uw bevel en in Uw belang.
— Dan komt het mij voor, dat ik een idioot de opdracht heb gegeven zijn collega’s na te gaan, antwoordde mijnheer Lobbes, op een toon van verbittering. Maar vier je grollen nu maar heelemaal uit en maak voor mijn part van den kolenkelder een gekkenhuis.
— U is onbillijk in Uw beoordeeling, omdat U mijn tactiek niet
begrijpt. Opmerken, samenvatten, oordec......
— Joris Jochem! riep oom Karei geschrokken, die dooie wordt levend van dat gezanik.
186