XVI
MET BIJL EN CHLOROFORM
Alles was echter niet zoozeer in orde, als Cora haar moeder wilde doen gelooven.Want eerstens lagen Media en Lena nog altijd bewusteloos, tweedens was de detective Joris Jochem nog altijd aan zijn onderzoek bezig en ten derde hadden de buren al tot drie maal laten vragen of er bij Lobbes werd verbouwd. Want Joris Jochem ramde onverstoord met zijn botte bijl op den muur in.
Kort nadat mevrouw Lobbes haar dochter had opgebeld, verscheen het dienstmeisje der buren voor de vierde maal. Haar mevrouw had hoofdpijn, zei ze, en als er dan persé móést getimmerd worden, of dat dan niet aan den anderen muur kon gebeuren. Misschien waren de menschen, een huis verder, niet thuis, of hadden die althans niet zoo gauw last van hoofdpijn.
Cora liep naar boven, met het plan, Joris Jochem te verzoeken de geheime kamer achter den anderen muur op te sporen en ook om hem te zeggen dat haar moeder op komst was. Maar toen ze de trap opsteeg, zweeg plotseling het geluid van de bijl op den muur. Ze hoorde een doffe slag en toen was het stil, boven. Direct daarop werd er aan de bel getrokken.
Cora aarzelde. Wat kon er met Joris Jochem zijn voorgevallen? vroeg ze zich af. Zou hij nu zichzelf hebben gechloroformeerd ?
Daar ging de bel opnieuw over. Dat was moeder’s belletje. Nu, dan maar eerst haar binnenlaten, dacht het meisje.
Joris Jochem had zich, bij een fermen mep op een harden steen, op zijn duim geslagen. Toen smeet hij woedend de bijl neer en dat gaf den doffen slag, dien Cora hoorde. Hij viel op zijn knieën en knelde den gewonden duim in zijn andere hand, zijn kreunen zoo
134