Cora had niet het minste wantrouwen in den, naar haar inzien, schranderen man met het open, vertrouwenswaardige gezicht en voelde eigenlijk wel, dat ze hem niet mócht hinderen. Nu Lena bedwelmd was, moest zij maar gedeeltelijk haar werk doen.
Joris Jochem luisterde in de gang aandachtig tot ze beneden was. Toen hij zich eindelijk alleen en onbespied wist, sloop hij op handen en voeten naar de voorkamer, waar hij naar binnen was geklommen.
Met de meeste opmerkzaamheid onderzocht hij de modderige voetstappen, die op het zeil stonden afgedrukt. Hij wilde er reeds een teekening van maken, toen hem inviel, dat ze de zijne waren. En die kon hij te allen tijde reproduceeren, vond hij.
Vervolgens sneedhij de matrassen open van het groote dubbelbed, maar vond er niets dan de gewone vulling in. Ook in de lade der waschtafel en in de zakken der kleeren, die in een kast hingen, zocht hij tevergeefs naar geheime documenten, die inlichtingen konden verschaffen over deze duistere zaak.
Wat hij wou weten, was voornamelijk widr mijnheer Lobbes’ voormalig innerlijk was en wiens dochter het jonge meisje was, dat straks in zijn armen flauw was gevallen. Nu hij aan haar dacht, liep hij weer snel naar haar toe en legde zijn chloroformdoek op haar gezicht. Ze mocht anders ontijdig bijkomen.
Ook in de kasten dezer kamer vond Joris Jochem niets dat aan geheime documenten deed denken. Dus kwam hij tot de overtuiging, dat er geheime ruimten in het huis waren, waarin men ze had verstopt.
Hij klopte met zijn bijl op de muren en op vele plaatsen klonk het hol. Het blok, waartoe dit huis behoorde, was niet onder al te strenge bouwverordeningen gebouwd en de tusschenmuren op de verdiepingen waren niet al te dik. Joris echter maakte er uit op, dat men geheime kamers had uitgespaard, waar eventueel plannen konden worden uitgebroed om iemand een onbekend kind op te dwingen.
129
9