De gezellige staking

Titel
De gezellige staking

Jaar
1917

Pagina's
363



Meteên stormde hij naar den steiger aan den voorkant. Een kleine afdeeling agenten worstelde met de stakers om door te breken. Al vechtend floten zij om assistentie.

—    Jonges, ’t goat beneide spanne, brulde hij. De klabakke

sain d’r al--d’r wordt geklopt____

Die woorden werkten electriseerend. De ranselaars snelden haastig naar den voorkant, zonder de groote mastiekkachels voorzichtig te mijden. Een viel er om; de heete, vloeiende mastiek liep in het vuur en aanstonds laaide een felle, rookerige vlam op. De wind joeg haar over het op dak liggende brandhout en het papier en naar de andere kachels.

—    Brand, brand! schreeuwde Daan Kropsla. Kou, kom

noa beneide____!

Ko had het nu te kwaad met Douwe, die Smikkel’s partij had overgenomen. De stille jongen was echter niet tegen hem opgewassen en moest reeds duur boeten voor zijn handtastelijke bemiddeling.

De brandkreet deed hen opschrikken.

—    Noa beneide, schreeuwde Ko.

—    Vooruit Smikkel, maande Douwe hem.

—    Och — loat moar — hier of beneide — ik mot d'r toch an ....

—    Ik sta voor je in____

—    Je het seiker weer iets fuils in den sin.

Douwe keek hem verslagen aan.

—    Ik hou toch zoo zielsveel van haar, Smikkel — o —

als je maar--smeekte hij sentimenteel.

—    De heile soude____sche rotkroam mot nou moar in

brand, joeg de-„poot” hen op. Loat die rotkast afbrande — hai is toch besmet.

Zij waren de laatsten, de anderen vluchtten al langs

157

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.