hem plaats genomen zonder een woord te zeggen. De laatste bekeek hem en kon niet nalaten hem in stilte te beklagen. Zijn oogen stonden dof en zijn gezicht leek vaal en ingevallen. Joop kon zich niet indenken dat iemands voorkomen zóó kon veranderen, ter wille van een meisje.
— Hadt je wat Douwe? vroeg hij vriendelijk.
Deze knikte toestemmend.
— Ga je mee?
— Blijf liever een half uurtje hier, kerel. We krijgen nu juist weer een van de gezelligste momenten, die de staking af en toe oplevert.
— Ik heb al dubbel en dwars van die gezelligheid genote, zei de jonge man bitter. Ik snap die lui hun lol niet....
Jan Colter was juist klaar met zingen en vertoonde nu op het tooneel een apachendans. Deze ontlokte den kijkers uitroepen van bewondering, welke meerdere jongelieden inspireerden naar het podium te snellen en proeven te vertoonen van hyper-moderne danskunst.
— Wou jij liever de straat op? stond Joop op.
— Wat een pret — wat een pret....
’t Is niet om vol te houwe, 'k mag sterve als ik het niet meen, barstte Douwe op straat los.
— Wat nou, wat is er nou in eens? Je loopt den laat-sten tijd rond met een kop van heb ik jou daar en je bent niet te genaken.
— Ik weet ’tsoms zelf niet — misschien had ik er al veel eerder met jou over moeten praten. Maar jij hadt me toch net zoo min kunnen helpen, ’t Is alles de schuld van die rot-maatschappij, waar we in leven en van de rot-toestanden waaronder wij gebukt gaan. Een vader die het geluk van zijn dochter....
107