— Ik....?
— Kan mij niet bommen, ik waarschuw je maar. Loop niet ’s avonds laat alleen op straat. Laat je nog al dikwijls in de zaal en bij vergadering zien en loop eens een keer met de ploeg mee.
— Nou — mijn hande zitte me ook niet op den rug gebonde.
Joop barstte in een schaterlach uit, bleef stilstaan en keek
Douwe vlak in de oogen. Deze voelde zich geraakt en wilde doorloopen, doch Joop — nog steeds lachend, hield hem tegen.
— Jou handen zitten niet op je rug gebonden, schudde hij komisch het hoofd. "Wat zegt Mientje daar wel van? O — o — je bent zoon schalk — o wat ben jij een guit, spotte hij.
Douwe werd nu ernstig boos.
— Waarvoor dient den naam van dat meisje nu overal
bij gehaald te worden. Ik snap je niet, ik dacht dat je ernstiger was. Men kan____
Joop klopte hem sussend op den schouder.
— Maak jij je nou maar niet kwaad, jongeheer — maak je vooral niet kwaad. Bedaar je drift maar — tot je ’s avonds laat een gezellig praatje hebt met Smul. Ik wou je alleen maar zeggen, ik wou dat ik in jou schoenen stond en zoo oud was als jij nu bent.
— Maar wat moet je dan toch eigenlijk van me? Ik snap je niet.
— Het ijzer smeden terwijl het heetis, ventje. Je bent te bleu!
59